Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 81

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 81

3 minuten leestijd

;

69 Ze gaat heel haar huis, in de gangen, op de zolders en in de kelders na. Ze is altoos bezig. „Zij beschouwt de gangen van haar huis, en het brood der luiheid eet zij niet." Ja, om er ook dit bij te voegen, ze zorgt niet alleen voor haar goed en haar huishouding maar ook voor het huis zelf. Er staat immers in vs. 21: „Zij vreest voor haar huis niet vanwege de sneeuw; want haar gansche huis is met dubbele kleederen gekleed," iets wat van de Oostersche huizen zóó te verstaan is, dat

men nog

geen behangsels had, maar voor de muren tapijten ophing en dat deed zij in den winter dubbel, opdat het binnenshuis warmer zou zijn. En dit alles nu somt de Spreukendichter op als de kenteekenen van een huisvrouw die den Heere vreest, en om de vreeze des Heeren haar hooge heilige roeping als vrouw des huizes nakomt.

Zoo nu teekent Lemuël ons niet een burgervrouw of een vrouw van lageren stand, maar een weibedaagde vrouw van hooge positie.

Immers

er staat, dat koning

Lemuël aldus het beeld der vrouw

tee-

kende voor zijn zoon. Dat was nu nog niet de Christenvrouw, maar een Joodsche vrouw, die leefde in de vreeze des Heeren. uit de dagen der Reformatie de Calvinistische vrouw op neemt, weet hoe ook toen de deugdelijke huisvrouw op zeer ernstige, degelijke wijze haar taak als huisvrouw van haar man, en als huismoeder voor hare kinderen, en als vrouw des huizes voor haar dienstmaagden opvatte. Zoo was, en is soms nog, de deugdelijke huisvrouw, aan wie God het geeft, om naar vs. 25: j^te lachen over den nakomenden dag.'' Dat nu niet elke vrouw zoo zijn kan, zij toegegeven. Niet in iedere vrouw schuilt die lichamelijke kracht en w^elstand. Niet elke vrouw is zoo sterk van hoofd, zoo wijs van inzicht, met zoo schoone wilskracht begaafd. En ook hier zal Hij die aller kracht kent, oordeelen een rechtvaardig oordeel. Ook dient toegestemd, dat, na het opkomen van fabrieken en winkels, een vrouw thans niet meer door haar spinsel en borduursel schatten kan verdienen om over te leggen. Met de verandering der tijden is ook dit veranderd. Maar als dan de deugdelijke huisvrouw eertijds zóó voor man, kroost en dienstmaagden zorgde, zóó haar huis en haar huishouding waarnam, en dan nog tijd overhield om door spinnen en borduren schatten te verdienen, hoeveel nauwkeuriger moesi de verzorging van man, kroost, dienstpersoneel en huis dan nu niet zijn, nu de „deug-

En wie

haar

best

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 81

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's