Als gij in uw huis zit - pagina 56
u Daardoor steekt dan het ééne niet zoo sterk bij het ander af. Alles smelt meer in één. En ongemerkt wordt er zoo een schoone harmonie geboren. Dat doet deels het vocht in de lucht, dat de kracht der lichtstralen breekt, en deels is het de mindere levenskracht in de natuur zelve, die haar minder scherp geteekend uit doet komen. En hierdoor verzoent God ons met het verlies van den zomer. De sterke hitte drukt niet zoo meer, en loch is er nog geen koude die ons naar binnen jaagt. De avonden zijn niet meer zoo ingekrompen kort en toch niet zoo lang dat ze vermoeien. De dagen korten in, maar zijn toch nog niet zoo kort, dat ze u het uitgaan beletten. Zoo houdt de herfst in alle manier zeker midden, zeker evenwicht, zekere harmonie, die u rustig stemt en ontspant na de overspanning van den zomer. En niet alleen dat God u zoodoende met het afgaan van het jaar verzoent, maar Hij verzoent u door dat schoon van den herfst ook met het afgaan van uw eigen dagen. Hij toont u in dien herfst hoe ge ook op gevorderden leeftijd nog een eigen roeping hebt, om in uw karakter, in uw gemoedsbestaan, in uw levensuiting iets te ontwikkelen en te openbaren, wat dusver in u schuilen bleef, t. w. het schoon van het kalme, van het rustige, van het zacht getinte. Geen slingering meer maar evenwicht. Zoover het onder ons menschen gaat, voltooide harmonie. Wie dan ook op zijn ouden dag nog in passie uitkomt, nog door hartstocht wordt gedreven, of het middenspoor mijdt, om op zijpaden aan den uitersten kant te loopen, maakt een stuitenden indruk. Een ziel, een menschenhart, een karakter, dat op den ouden dag nog den hoogen gloed, de forsche kleuren, de sterke slingeringen vertoont, en niet tot evenwicht is gekomen, wekt eerst uw weerzin, daarna uw toorn en ten leste uw lachlust op. De herfst bestraft zulk een, en oordeelt zijn verspeeld gemoedsbestaan. Zooals de herfst met die zachte tinten is, zoo moet het op uw ouden dag bij u van binnen wezen. En als het zoo niet met u is, staat ge als mensch met uw menschelijk hart beschaamd en verlegen voor het aanschijn der natuur.
Nog een derde merkteeken van den edelen,
is
aan den herfst eigen, het merkteeken
fijneren oogst.
Zelfs het woord van herfst is bij ons aan dat derde merkteeken ontleend want herfst, hetzelfde woord als het Engelsche harvest, beteekent oogst. Nu is oogst alle inzameling van gerijpte vrucht; en in dien alge;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's