Amendement-Kuyper op de Ongevallenwet - pagina 100
94 hoefde te worden aangesproken, van af den dag der storting tot op den dag dat de Bedrijfsvereeniging eindigt, verschuldigd eene interest van drie ten honderd 's jaars, uit te betalen in vier gelijke termijnen op door het bestuur der Rijksverzekeringsbank te bepalen vervaldagen. Deze termijnen van rente voorden betaalbaar gesteld aan de Bedrijfsvereeniging of haar lasthebber ten kantore der posterijen als boven, tegen afgifte van kwijting. De Ryksverzekeringsbank is bevoegd het als waarborgsom gestorte bedrag te verminderen met elk bedrag, dat de Bedryfsvereeniging aan haar verschuldigd is, en dat niet binnen den gestelden termijn is voldaan. Indien ten gevolge hiervan het als waarborgsom gestorte bedrag zoodanig verminderd is, dat het bestuur der Rijksverzekeringsbank onverwijlde aanvulling noodzakelijk acht, geeft het bij te adviseeren brief van het bedrag der vereischte aanvulling kennis aan de Bedrijfsvereeniging, welke gehouden is binnen veertien dagen na de dagteekening van het adviseeringsbewijs van dien brief, het aangegeven bedrag ten kantore als boven te storten. Voor deze betaling wordt eene kwijting in duplo afgegeven, en een dezer twee stukken wordt uiterlijk op den dag, volgende op dien waarop de betaling plaats had, door de Bedrijfsvereeniging aan het bestuur der Rijksverzekeringsbank toegezonden. Indien de aanvulling in het vorig lid bedoeld niet binnen den gestelden termyn heeft plaats gehad, en het bestuur der Rijksverzekeringsbank acht hiervan aan Onzen Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid kennis te moeten geven, vervalt met den dag dier kennisgeving van rechtswege voor de Bedrijfsvereeniging het haar volgens het tweede lid van art. 2 toegekende recht. Bij het eindigen der Bedrijfsvereeniging vervalt hare verplichting tot het gestort hebben bij de Rijksverzekeringsbank van de waarborgsom. Bij de overneming van haar boedel wordt van het als waarborgsom gestorte bedrag door de Rijksverzekeringsbank afgetrokken, wat zij alsdan nog van de Bedrijfsvereeniging mocht te vorderen hebben, en een bedrag gelijkstaande aan het overblijvende aan haar uitgekeerd. Art. 87.
Bedrijfsvereeniging is, als vergoeding voor de diensten van de Rijksverzekeringsbank, over elk verschenen kalenderjaar aan deze verschuldigd twee derden van het bedrag, dat verkregen wordt door het totaal der administratiekosten over dat jaar te deelen door het getal der in dat jaar volgens deze wet verzekerden, en deze uitkomst te vermenigvuldigen met het gemiddeld getal vaste en losse werklieden, dat in den loop van dat jaar bij de leden der Bedrgfsvereeniging werkzaam was. Onze Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid bepaalt, op voorstel van het bestuur der Rijksverzekeringsbank, den Raad van Toezicht gehoord, welke rubieken van de uitgaven der Bank tot de administratiekosten behooren. Jaarlijks, vóór den l^tsn Februari, deelt het bestuur der Rijksverzekeringsbank bij te adviseeren brief aan het bestuur der Bedrijfsvereeniging het uit dezen hoofde door de Bedrijfsvereeniging verschuldigde bedrag mede. Vóór den 15*^" Februari daaraanvolgende betaalt de Bedr^fs-
De
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's