Als gij in uw huis zit - pagina 183
171 nantie ingaat, en een miskennen van zijn liefde in het alledaagsche leven is, zoo de broodkruimels van het huislijk samenzijn ons steken.
En daarom nu zegt hij: „Ga dan henen^ eet uw brood met vreugde, en drink uwen wijn van goeder harte; want God heeft alreeds een behagen aan uwe werken. Laat uwe kleederen te allen tijde wit zijn, en laat op uw hoofd geene olie ontbreken. Geniet het leven met de vrouwe, die gij liefhebt, alle de dagen uws ijdelen levens, welke God u gegeven heeft onder de zon, alle uwe ijdele dagen want dit is uw deel in dit leven, en van uwen arbeid, dien gij arbeidt onder de zon. Alles, wat uwe hand vindt om te doen, doe dat met uwe macht." En hierop nu zegt nog al wie recht den band van natuur en genade verstaat, van heeler harte Amen. ;
andere
beschouwing
van het leven is zoo wreed, en maakt op zoo stuitende wijze te schande. Of is het niet een waarheid, waarop niets af te dingen valt, dat de millioenen en nogmaals millioenen onder de kinderen der menschen niets anders dan dat gewone leven hebben, heel hun leven lang in die zeer gewone verhoudingen en zeer gewone bezigheden opgaan, en aan dat extraordinaire nooit toekomen, ja, zelfs niet denken kunnen. En indien nu, waarlijk, dat gewone, stille, huislijke, alledaagsche leven zoo arm, zoo dor, zoo onverkwikkelijk voor ons hart, en zoo leeg aan levensgeluk was, waar bleef dan de Voorzienigheid uws Gods, die toch juist dit, en geen ander, lot voor negentig honderdsten van zijn menschenkinderen besteld en bestemd heeft? En als gij, door uw smaden van dat gewone en stille en zeer alledaagsche leven, den smaak om er in te genieten bij anderen bederft, zijt ge dan niet wreed, wreed op ergerlijke wijze, daar ge toch volkomen onmachtig zijt, om aan die millioenen en millioenen een ander, een hooger geluk in de plaats te geven? En als dan de Prediker weer zin en smaak voor dat stil en alledaagsch en huislijk geluk poogt te wekken, herkent ge dan in hem niet den Prediker van het Woord zijns Gods, die wat God in dat gewone leven aan levensgeluk besloot, ook voor u weer poogt te Elke
Gods Voorzienig
bestel
ontsluiten?
„De
godzaligheid
is
een groot gewin met vergenoeging,
''^
betuigt de
apostel aan Timotheüs.
Let wel op dat woord „vergenoeging". Evenals het woord „genoegen" iets hebben, komt het van genoeg. Niet alleen in onze taal, maar ook in de grondtaal der Heilige Schrift. in
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's