Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 186

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 186

3 minuten leestijd

174 dan roept en dwingt men om werk; maar als de honger niet steekt, en ons deel gewis is, dan schijnt lediggang verkieslijk, luiheid menschelijke weelde te zijn, en ziet ge zelfs in de eerste Christengemeente zulke nietsdoeners derwijs het leven der gemeente bederven, dat de heilige apostel dreigen moet: „Die niet werkt, die zal ook niet eten." Of elders: „Ook toen wij bij u waren, hebben wij u dit bevolen, dat zoo iemand niet wil werken, hij ook niet ete; want wij hooren, dat sommip:en onder u ongeregeld wandelen, niet werkende, maar ijdele dingen doende, en daarom vermanen en bevelen wij den zoodanigen in den naam des Heeren Jezus Christus, dat zij met stilheid werkende, hun eigen brood eten." Niet in het paradijs, noch voor, noch na den val, maar door Christus zelf is het uitgesproken: „Zijn er niet twaalf uren in den dag, zoo laat ons dan werken, zoo lang het dag is, want de nacht komt, waarin niemand werken kan." En zoo staat heel de Schrift tegen het bezig niets doen, waarin zoo menigeen ook onder ons zijn dagen doorbrengt, opstaande en zich kleedende, wat her- en derwaarts loopende en wat keuvelende, wat etende en wat drinkende, wat in het vuur of door het venster glurende, en dan zich w^eer nederleggende, om terug te keeren tot zijn vriend, den langen lieven slaap. God in zijn Woord weet, dat werken een zegen, dat luiheid des duivels oorkussen is, en daarom maant dat Woord altoos van lediggang en luiheid af en prikkelt het tot arbeidzaamheid. Zelfs van de schatrijke huisvrouw in Spreuken 31 heet het: „Zij staat op als het nacht is, en het brood der luiheid eet zij niet." Bekeerd of onbekeerd maakt hier dus geen verschil, hier of hiernamaals, te arbeiden is onze heerlijke menschelijke roeping, omdat we geschapen zijn naar het Beeld van Hem, die altijd werkt. Rusten moeten we van onze zondige werken. Rusten mogen we op den Sabbat van onze slaafsche werken, om rijker geestelijk bezig te zijn. En ook na den dood zullen we rusten van onzen aardschen arbeid maar altoos te werken is en blijft de roeping, die we in onzen adelbrief als mensch van onzen God ontvingen. En de uitkomst leert dan ook, dat een volk, dat een gezin, dat een persoon, die werkt, gelukkig is; maar dat lediggang een volk ten onder brengt, een gezin ontzet en uw persoonlijk leven ontzenuwt. En toch blijft er ook zoo een aanmerkelijk verschil bestaan tusschen hem die tot den Christus bekeerd is, en dengene die nog omdoolt buiten

altoos

;

Heiland. Vooreerst natuurlijk hierin, dat een bekeerd mensch, die den luiaard speelt en zijn dagen in ijdelheid doorbrengt, veel schuldiger voor zijn

zijn

God

staat.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 186

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's