Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 74

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 74

2 minuten leestijd

leger zoo schrikkelijk, dat er van Juda vielen op één dag.

honderd twintig duizend dooden

Dat^ v^^as de wrake Gods over Juda's afval, en Gods instrument. Maar in zijn overmoed bedierf nu Pekah weer

daarbij

was Pekah

zijn eigen zaak. Niet genoeg toch, dat hij Juda zoo bloedig vernederd had, zijn overwinnend leger wilde zich nu ook aan Juda verrijken; verrijken niet enkel door roof te rooven, maar ook door tweehonderd duizend mannen,

vrouwen en kinderen in slavernij weg te voeren, en weg te voeren zoo smadehjk en verachtelijk, dat ze tal van Judaeërs naakt langs den

weg sleurden. En met dien

schandelijken buit trok het leger van Pekah, zegedronken,

naar Samaria terug.

was

Dit

schandelijk, het

was

misdrijf,

het

was een

zich vergrijpen

aan de banden des bloeds, die de mannen van Samaria nog altoos aan Juda verbonden. Oded, de profeet, toog daarom ijlings het overwinnend leger tegemoet, om het in zoo waanzinnig misdrijf te stuiten. Dat ze Juda geslagen hadden, was naar recht, zoo betuigde Oded. De Heere zelf had Juda, om zijn afval, in Pekahs hand gegeven. Maar de kinderen van Juda en Jeruzalem tot slaven en slavinnen te willen maken, was den God der heirscharen tergen in het aangezicht. Daarvan moesten ze aflaten, en al die gevangen Joden en Jodinnen op staanden voet vrij naar hun steden en dorpen laten teruggaan. Want, zoo niet, de hitte van 's Heeren toorn zou vreeslijk tegen hen zijn. Toch liet het leger van zijn buit niet af. Door ging de tocht. En reeds naderde het jubelend en brooddronken heir, met den schandelijken slavenstoet, de hoofdstad.

Ook van Pekah wordt niet gemeld, dat hij tegenbevel Het scheen, of Odeds stemme niet was gehoord.

Toen echter vormde

zich, gelijk

van vier kloeke mannen. Ze heelten Azaria, Berechja, Dit viertal

En

kwam

wij

Jehizkia,

gaf.

zouden zeggen, een commissie en Amaza.

bijeen.

diep verontwaardigd over

wat plaats greep, voelende dat alzoo Gods met voeten werd getreden, en vastberaden om op het van hun leven af, zoo boos opzet te verijdelen, besloten ze,

het recht

gevaar zonder

verder dralen, en geheel op eigen risico, het leger tegemoet en op staanden voet de loslating der gevangenen te eischen.

te trekken,

Die daad vereischte onverschrokken moed, want het stond tien tegen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 74

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's