Als gij in uw huis zit - pagina 223
211 gespannen, en nu niet vooruit kan, of het moet aan die koorden en zelen den wagen meetrekken. Welnu, aan zulk een paard, zegt de profeet, is zulk een weelderig en overspannen zondaar gelijk. „Wee, dengenen die de ongerechtigheid met koorden der ijdelheid, en den zonde wagen als met dikke zelen trekken.'" Aldus is de slavernij van deze zonde. De overspanning gunt geen rust. Als er afspanning door uitputting volgen zou, klapt aanstonds de zweepslag van den drijver, die den
zondewagen
stuurt.
Voort, voort moet het, en voort gaat het. De rijke man heeft te midden der weelde de heerschappij over zijn eigen geest verloren. Ongemerkt heeft de weelde hem koorden, en de brooddronkenheid hem zelen aangelegd. Hij voelt nog dat de zonde een last is, maar een last als van een ivagen dien hij voort moet trekken. En als het moedige paard trekt hij dien wagen, en geraakt hij met dien zondelast al verder op het pad der zonde.
Er
is
En
als hij
geen bezinning, er is geen stilstaan meer. soms in een oogenblik van ontnuchtering en van terugkeer van ernst zich los wil rukken, merkt hij maar al te spoedig hoe die koorden te stevig en die zelen te dik zijn om ze stuk te rijten. En zoo draaft hij voort, altoos in overspanning, steeds met den drijver achter
En
zich.
eens ook is
gelijk
hij ophield het geld te hebben, omdat het geld hem had, zoo hij het nu niet meer die de weelde heeft, maar de weelde is zijn booze meester geworden. De straf der zonde is de zonde nageloopen, en heeft hem van rijk man en weelderig wereldkind slaaf der zonde gemaakt. En_ zoo \s de ernst des levens voor altijd van hem gevloden, en is de Lichtzinnigheid de kanker geworden die hem verteert.
En natuurlijk toen kon de spotternij met het Wie nog ernst in zijn ziel omdraagt, beeft nog
heilige niet uitblijven.
voor den Almachtige, en schrikt nog voor den Rechter van levenden en dooden. Maar de slaaf der Lichtzinnigheid lacht met een schaterlach den heiligen ernst in het aangezicht uit, en roept God tergend toe ^Dat Jehovah zich haaste, dat Bij zijn werk bespoedige, opdat wij het zien, en laat naderen den raadslog van den Heilige Israëls, dat wij het vernemen'^ (vs. 19). :
Tot zulk een uittarten van God en een vermetel en roekeloos inroepen van het oordeel, komt men wel niet opeens. Eerst druppel voor druppel wordt het booze gif in de aderen onzer ziel mgelaten. _
^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's