Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 190

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 190

2 minuten leestijd

178 zulk een ergerlijk feit u wel oplegt, is dat ge ook op het eigen kring, ja, op het geven uit uw eigen beurs en eigen hand, telkens weer het licht van Boven laat vallen.

Maar wat geven door

in

uw

uw

de aalmoes leent zich tot schijnvertoon, zelfmisvan anderen. vooral op het „geven" was onze Heiland zoo streng en

zoozeer

Niets

als

leiding en misleiding

toch,

onverbiddelijk.

Wat

niet

om Gods

wil gegeven was, gold niet.

Als de rechterhand

was de linkerhand geoordeeld. Te geven van zijn overvloed was waardeloos. Alleen wat gegeven werd van zijn gebrek, van zijn er van wist, leeftocht,

blonk

in

de

offerkist

des Heeren

als

het fijne

goud van

Ophir.

Ge herinnert het u van die Jeruzalemsche weduwe, voor wie niemand een weldadigheidsfeest hield, maar die zelve gaf, al wat ze in huis had, twee kleine penningen, het geld waarvoor brood moest gekocht, en dat ze uit haar mond spaarde, om het toe te wijden aan den Heere, haar God. Welnu, ook vóór en na die weduwe, rolde er goud en zilver bij handvollen in de offerkist. Maar dit weerhield Jezus niet, om voor aller Die twee penninkskens van dat vrouwke zijn meer oor te betuigen dan al dat goud en zilver. Want wat die anderen er in wierpen, was van hun overvloed, wat die vrouw gaf, gaf ze van haar gebrek. :

Nu

geven een trek van zielschoon, waarvoor ge danken moogt, dien bij uw volk, in uw kring, ook in uw eigen huis en in uw eigen hart moogt waai^nemen. „Geven" bij wijze van "exceptie, geven om groot vertoon temaken, was bij de heidenen inheemsch, en is het tot op zekere hoogte nog. Maar geven zooals ge dit in onze Christelijke kringen in Nederland kunt opmerken, en sterker nog in Engelsche, Schotsche en Amerikaansche toestanden kunt waarnemen, is een vrucht van Christelijk

zoo

is

ge

geloof. Bij

Engelands

kolossale

maar wie narekent wat

giften

we nog

staan

verre ten achteren; maar de „kleine"

vooral, niet de welgestelde,

geeft aan inschrijvingen; aan vereenigingen, voor school en kerk; en dan nog soms uit hand in hand geelt, om ongelukkigen te helpen, komt tot een bedrag, dat metterdaad verbazingwekkend is. Begrooten kan men zulke sommen niet. Juist het ware geven ontsnapt aan eJke statistiek, en het moet er aan ontsnappen. Maar zooveel mag dan toch gezegd, dat alle geld in andere kringen voor vermaak en pret en uitgaan beschikbaar gesteld, in deze kringen tot den laatsten

burgerij ten onzent geeft; geeft aan collecten

;

geeft

cent toe naar het altaar der liefde gaat

;

en dat er uitsparingen

zijn,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 190

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's