Als gij in uw huis zit - pagina 59
47 van Pathmos intreedt met het nederdalen van het Jeruzalem uit den hemel, en dat hetgeen Johannes getoond werd, om hem het hoogste denkbeeld van die heerlijkheid te geven, niet was een paradijs, maar de stad met haat* fondamenten en keurgesteenten en haar paarlen poorte. Reeds onder de zinbeeldige bedeeling van het Oud Verbond, trekt de Tabernakel, de woonstede Gods, wel eerst door de woestijn, en blijft de heiligheid des Heeren in een tente wonen tot op Salomo; maar de gang der Openbaring duidt er toch steeds op, dat de Heere zijn ruste eerst vinden zal in Jeruzalem, en dat op Sions berg de plaats in
het
visioen
nieuvi^e
die Hij zich had uitverkoren. Niet op het platteland, maar in de stad van David, openbaarde zich de majesteit van Jehovah in het heilige der heilige. Daar waren de stoelen des gerichts gezet. Daar verscheen God blinkende in zijn is,
schoonheid.
Men kan dus zeggen, dat in de Heilige Schrift het denkbeeld van een stad niet lager, maar veeleer hooger staat. Gelijk de heerlijkheid van Edens hof verbleekt voor de heerlijkheid van het nieuw Jeruzalem, zoo verre staat het landleven beneden het stadsleven. Alleen maar, de zonde is oorzaak, dat wij dit rijkere leven niet genieten kunnen, zonder in velerlei verzoeking te vallen, en dat deswege het leven te midden der natuur ons nader nabij God houdt dan het leven binnen de muren onzer steden. Het trekt dan ook de aandacht, dat de eerste Christelijke kerken op het platteland, maar zoo in Palestina, als daarbuiten, in de steden gesticht zijn. Alle apostolische zendbrieven zijn aan de Christenen die steden bewoonden gericht. Aan die van Rome, van Corinthe enz., en eerst daarna is van uit die steden de zegen des Evangelies ook uitgedragen naar de dorpen van rondom. niet
De tegenwoordig zoo sterke neiging, om naar de steden te trekken, en de bevolking der groote steden tot honderdduizenden, ja tot milhoenen, te doen aanwassen, is alzoo wel verklaarbaar, maar mag van de zijde der Christenen niet worden aangemoedigd. Immers wat thans vooral die neiging voedt, is niet de zucht, om den hoogeren standaard van het leven meê te doorleven, gelijk die alleen in onze steden gevonden wordt, maar veelmeer de zucht, om zich in de menigte te kunnen verliezen, en daardoor vrijer in zijn bewegingen te zijn, en zich voorts de gelegenheden voor allerlei kust en te keur geopend te zien. hooger te leven, maar om ruimer te genieten, trekt, wie er middelen voor heeft, naar de groote steden toe, en zoo worden de kleine steden al meer ontbloot van die er oudtijds thuis hoorende
zingenot Niet
te
om
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's