Amendement-Kuyper op de Ongevallenwet - pagina 63
57 eventueele aanneming van art. 2, aan eene andere wijze van uitwerking de voorkeur te geven. Het liet zich denken, dat een of meer andere Kamerleden beter dan de ondergeteekende slaagden in het leveren van een daartoe strekkend voorstel. Het ware mogelijk, dat de Regeering zoo de Kamer bleek, het beginsel van art. 2 (nieuw) te aanvaarden, er voorkeur aan gaf, zelve een ontwerp voor een nieuw in te lasschen hoofdstuk uit te werken. En ook ware het denkbaar dat Regeering en Kamer, van breede uitwerking afkeerig, zich wenschten te bepalen tot de invoeging van een klein aantal artikelen, in den zin der Oostenrijksche wet maar dan natuurlijk naar het stelsel van dit ontwerp en naar de eischen van ons Nederlandsch Staatsrecht gewyzigd. Dit laatste zou ondergeteekende betreuren, overmits de hieruit geboren rechtsonzekerheid aan het opkomen van het particuliere initiatief zeer stellig in den weg zoude staan. Maar op zichzelf kan de saamhoorigheid van de beide deelen van het amendement e mente auctoris noch de Regeering noch de Kamer aan banden leggen. De mogelijkheid dat de Kamer de opneming van eene uitzondering op het stelsel noodzakelijk acht, sluit op zichzelve geenszins in, dat ze deswege zich ook met de proeve voor de uitwerking van dit beginsel geboden, vereenigt.
n.
De Artikelen. Heeft ondergeteekende in het bovenstaande getracht, de bedenkingen van algemeenen aard te beantwoorden, die tegen zijn amendement waren ingebracht, zoo zij het hem geoorloofd thans tot de bespreking van de bedenkingen tegen de enkele artikelen over te gaan. Eerst nadat in de laatste dagen van Mei, door het Verslag, stuk n". 11, uit het mondeling overleg gebleken was dat er bij de Regeering „overwegend bezwaar" bestond, om zelve de facultatieve Bedrijfsvereeniging alsnog in het ontwerp voor te dragen, kon tot meer definitieve voorbereiding van het amendement worden overgegaan, en daar het reeds half Juni op de griffie moest zijn, was de beschikbare tijd, om het in staat van wijzen te brengen te kort, om aan den tekst van zoo technisch ingewikkeld voorstel die rustige zorg te besteden, die op zichzelf eisch ware geweest. De ingeslopen redactioneele misstellingen, leemten en ongelijkmatigheden mogen daarin haar verontschuldiging vinden. In verband hiermede spreekt hij gaarne zijne erkentelijkheid uit, zoo aan de Regeering als aan de leden der Kamer, die op het technische van zijn amendement zoo uitvoerige en zoo opbouwende critiek hebben uitgeoefend. Op eene enkele uitzondering na geeft hij aan die critiek te eerder gehoor, overmits de opsteller van een ontwerp, in casu de Regeering, er recht op heeft, dat de inlasschingen van nieuwe bestanddeelen in zijn voorstel zich èn redactioneel èn technisch naar zijn oordeel voegen. Mits het door hem beoogde doel bereikt worde, noopt bovendien zijn gemis aan ervaring op dit gebied hem van doelloozen strijd over ondergeschikte punten af te zien. Zelf heeft hij nog andere aanvullingen en verbeteringen aangebracht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899
Abraham Kuyper Collection | 114 Pagina's