De engelen Gods - pagina 219
satan's afval.
Dat ze
Waar
Wezen
booze
dit
op aankomt
het
Ahriman
voor
iets stoffelijks hielden,
zen
macht
men kunnen
de
die
de Maniehaeën voor halve dwazijn
ook de doling der Maniehaeën op het stuk der zonde levenservaring
bijzondere leven,
't zij
zonde zich
om
zonde
een
hoe die zonde wezenlijke
als
vanzelf
vervalt
oorsprong
den
macht der zonde
neigt er schier vanzelf toe,
Wie
en
schier
der
zonde
't zij
door
in eigen
in al haar ontzetting-
om
in die
En wie dan
een eigen wezenheid te leeren zien. afvraagt,
om
gelegenheid was,
de
in
zich heen, de
kennen,
leeren
te
Neen,
opgekomen
is
trek van ons menschelijk hart.
een zeer natuurlijken
uit
noch
historie
ons menschelijk hart uitoefent.
op
zonde
niets ter zake.
zeggen, dat ze de
kent noch het menschelijk hart noch
aanziet,
de
duet
dat als een tinctuur ons kon wor-
Wie nu deswege
den ingedruppeki.
uoemtlen,
dat ze aan het kwaad, aan het booze een
is,
eigen wezenheid toekenden; haast zou
zonde
211
macht der
nadenkt, en
kwam, en inziet dat zulk God tot auteur kan hebben,
de wereld
in
macht met noodzakelijkheid niet
in de
zonde zelve
te
in de dwaling,
gaan zoeken,
d.
i.
om ze
eeuAvig te gaan stellen als God, en alzoo Satan tot een eigen god te
Het
maken. in
deze
en
het
zijn
doling
volstrekt niet enkel de Maniehaeën, die
ook
dan
vervielen.
meest regelrecht
Wel werkten
uit;
maar vooral
dit stelsel het scherpst
zij
de mystieken en theo-
bij
sofen stuit ge gedurig op verwante voorstellingen;
der
leer
weer
kens
de
is
de dusgenaamde
tinctuur steeds in eere geweest; en ziet ge tel-
geestelijke
zonde
als
iets
stelligs,
iets
positiefs,
iets
wezenlijks
optreden.
De tegenpool van
het Manichaeïsme op dit punt ligt in de opvat-
der zonde als zekere onvolmaaktheid, een nog niet zijn van wat
ting
men
moest,
zijn
maar nog
de meest heerschende
mand
niet zijn kon.
Het
en die ge schier
is
die opvatting, die thans
alle geleerden
bij
van onze
Toth heelde zich nieis. Al bepleiten onze toch allerminst eerst door hen, maar
den Christus verwerpen, terugvindt.
die
tijd,
is,
dat deze voorstelling
in,
daarom nieuw
Modernen haar, daarom is ze reeds voor eeuwen door hun vroegere geestverwanten uitgevonden. Het is de voorstelling, dat er eigenlijk geen zonde is; dat wij ze wel zoo noemen, maar eigenlijk ten onrechte. Immers ieder kind moet wel beginnen met ook op zedelijk gebied onontwikkeld te zijn. Het moet Eerst van lieverlede kan het als zedelijk wezen rijpen.
om
heiliger staat te bereiken, door allerlei strijd, verleiding on
een
verzoeking
heengaan.
En
al
wat
nu nog
niet het ideaal bereikte,
lager trap van ontwikkeling staat, en nog verder moet dan
nog op
dat alles brengt ons het verwijt van er nog niet te zijn, en
het
is,
dat
alles
veroordeelen
we daarom
in
onszelven
en
in
anderen
als
zonde. Die twee opvattingeii staan alzoo regelrecht tegen elkander over.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's