De overheid - pagina 413
§
De magistratu
12,
hier aan Jozua opgelegd.
Maar
sua
in
men
wil
ecdesiam
in
daaruit concludeeren, dat dit
onze Overheden moet worden opgelegd, dan zouden rechtstreeiische openbaring van
God behoeven
openbaring ontvangen onze koningen
395
relatione.
als
lo.
ook aan
onze Overheden een even
Jozua kreeg, en toch, zulk eene
niet.
Zouden onze Overheden in dezelfde positie moeten verkeeren als Jozua, op dezelfde wijze moeten kunnen rekenen op de providentiëele leiding en wondere ondersteuning des Heeren bij wat zij doen. De Heere toch zeide Jozua Zijn bijzondere wondere hulpe toe. Wanneer God de Heere nu door een daad van betooning van Zijne wóndermacht het zegel drukt op wat de Overheid doet, dan heeft dit gezag. Maar bij onze Overheden ontbreekt die Wondermacht en zulk een steun wordt door 2o.
w.
d.
z.
toegezegd. Eveneens geldt hier, wat ook van Deut. 17 vs. 18—20 want Jozua staat in de Theocratie en het gaat niet aan gevolgtrekkingen te maken uit hetgeen geldt in de Theocratie voor hetgeen geldt buiten de Theocratie. 2 Kon. 11 VS. 11—12. c
God
niet
geldt,
hoofdstuk wordt ons de zalving van Joas
In dit
met hen, beëedigde hen
verbond
zoon des konings koning
Nu
men:
in
vs.
in
hun den
het huis des Heeren en toonde
in
11
riepen het koningskind tot hunnen
en 12 wordt de koning gekroond en
symbool van macht
het
de kroon,
hem
met de trawanten, maakte een
en
De trawanten nu
(vs. 3).
den tempel vermeld. De
uit.
zegt
wordt hem 10.
met de hoofdmannen
honderd
van
sten
in
den tempel bewaard had, nam de over-
priester Jojada, die het koningskind in
die den koning
handen wordt gegeven.
wordt gegeven, beteekent
dit,
gedrag wordt aangegeven.
Om
Er
uitgereikt.
wordt opgezet,
Waar
dit
2^.
zijn hier
bij
de kroning
twee symbolen,
het boek van de torah, dat
boek van de torah hem
in
handen
dat daarin voor den koning de regel van zijn
zoo
te
zeggen wordt de koning hier constitu-
gebonden aan de torah van God. zoo is, kan niet betwist. Wel betwisten we daarentegen, dat eruit volgen zou, wat men er uit afleidt.
tioneel
Dat
dit
Wanneer
bij
het
van een huwelijk aan het echtpaar door de kerk
sluiten
een Bijbel gegeven wordt, wil
om
dit niet
zeggen, dat
afgoderij uit te roeien en ketterij te weren,
moeten nemen, wat op hen
als
man
en vrouw geroepen worden
maar wel, dat zij uit dien Bijbel in hun huwelijksleven be-
getrouwde personen
Zoo kan men aan iedereen in elke betrekking een Bijbel geven met de bedoeling, dat hij daaruit zal nemen, wat hem aangaat, zoo voor een
trekking heeft.
koning, dat
hij
in
dat getuigenis vinden zal, wat er voor
ven
en wat alleen aan
van
dit
symbool
bij
hem opgedragen
is.
Dit alleen
de zalving eens konings.
hem
ligt
in
in staat
geschre-
het uitwendige
Metterdaad toch
ligt
er
voor
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's