Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het Calvinisme - pagina 111

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Calvinisme - pagina 111

2 minuten leestijd

HET CALVINISME EN DE WETENSCHAP

107

en zeekapiteins om zijn geniale geographische kunde. Het onderzoek naar de lengte- en breedtelijnen van den aardbol vormde voor hem één geheel met het onderzoek naar de lengte en breedte, reeders

die er in de liefde van Christus was.

voor twee werken den Christus, en in beide aanbad hij die mogendheid des Heeren, die zijne ziel in verrukking bracht. Het is dan ook opmerkelijk, hoe onze Gerefor-

Gods,

het

ééne

in

Hij stond

de Schepping, het andere

in

meerde Confessie spreekt van twee middelen, waardoor wij God kennen, de natuur en de Schriftuur. En nog opmerkelijker, hoe Calvijn, wel verre van gelijk zoovelen, hierbij de natuur pro /72e/72or/e uit te trekken, veeleer de Schrift niet anders dan een bril noemt, die ons in staat stelt het Goddelijk schrift der Schepping, dat verflauwd en geschonden was, weer te lezen. Zoo sleet alle bang gevoel, alsof men, met zich op de natuur te werpen, zich aan ijdelheden vergaapte, er uit. Men zag in, dat om Gods wil, onze opmerkzaamheid aan het leven van natuur en Schepping niet mocht onttrokken worden de studie van het lichaam herkreeg naast de studie der ziel haar plaats der eere; en de aardsche samenleving der menschen maakte opnieuw den indruk even waardig voorwerp van menschelijke wetenschap te zijn als de vergadering der volmaakt rechtvaardigen daarboven. Hieruit moet dan ook de betame;

lijke

verstandhouding tusschen het Calvinisme en het Humanisme

worden

verklaard. In zooverre toch het

Humanisme

het wereldleven

eeuwige wilde schuiven, heeft al wie Calvinist was den Humanist weerstaan. Maar zoodra de Humanist het recht van het wereldleven op waardeering bepleitte, was de Calvinist zijn voor het

bondgenoot.

Thans kom

ik tot het dogma van de „algemeene genade," uitvan het u voorgehouden algemeene beginsel, mits, in zijn bijzondere toepassing op de zonde, en die zonde verstaan als bederf onzer natuur. De zonde toch plaatst ons voor een op zichzelf onop-

vloeisel

losbaar raadsel. Neemt ge die zonde als een doodelijk gif, als vijandschap tegen God, als leidende tot eeuwige verdoemenis, en qualificeert ge den zondaar als „onbekwaam tot eenig goed en geneigd tot alle kwaad", en deswege alleen redbaar zoo God door wedergeboorte een ander mensch van hem maakt, zoo zou hieruit volgen moeten, dat ge onder ongeloovigen en onwedergeborenen niet dan

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's

Het Calvinisme - pagina 111

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's