De engelen Gods - pagina 232
KARAKTER VAN SATAN's VAL.
228
dan
zuiver denkt, geheel natuurlijk,
wie
voor
ook,
w. dat Satan
t.
in Job gezegd wordt, als het Avare nog m den hemel te zijn en voor God te verschijnen. Al is het toch dat Satan zich de afhankelijkheid
van
God
zijn
daarom
weggedroomd,
heeft
ook
er toch feitelijk,
is
niet één oogenblik, een enkele schilfer van die afhankelijkheid afgegaan.
afhankelijkheid
Die
blijft
van in
voor
bestaat
als
na volkomen, en
Satans
val,
precies dezelfde gebleven.
volstrekt
van
God
na
als
gehouden;
Schrift
en
gedachte,
door
maar
creatuur;
Avordt, evenals alle creaturen,
en plaats
Gods
dat
is,
God ook
evenals elk
Ongetwijfeld een
hand.
eige7i
hij,
die toch geheel overeenstemt
dat
vooreerst
leert,
plek
zijn
wordt
gedragen
creatuur, vreeselijke
zoo voor
is,
blijft
tot oogenblik door niets anders dan door God zelven
oosrenblik
stand
afhankelijk;
Satan
met wat de
tegenwoordig
in de hel
is,
en
ten andere dat Satan in den hemel voor God verschijnt. Ge kunt of mooo-t het u dan ook niet anders voorstellen. Satan toch een oogenblik
ook maar gedacht, en met
zijn
als
bestaande zonder dat
God hem
in
stand hield
eigen hand droeg, zou ophouden creatuur te zijn, en dus
óf niet meer bestaan óf als
God
zijn.
De feitelijke toestand is alzoo deze, dat Satan zich inbeeldt van God 7iiet afhankelijk te wezen, en op allerlei manier zijne onafhanmaar dat tegelijk feitelijk Satan, kelijkheid van God poogt te toonen ;
evenals
elk ander creatuur,
alzoo in
Gods, hand
blijft,
dat
hij
zich
zonder Gods wil niet kan roeren noch bewegen. Ook onze Gereformeerde kerken belijden het aldus in den Heidelbergschen Catechismus, en wie het anders
belijdt,
opmerking dat 2 Sam. 24 zijn,
hoort :
1
en
1
Chron. 21
:
en elkaar weerspreken, omdat in de eerste
David
aanporde
plaats
dat
om
volk
het
te
De bekende laffe met elkaar in strijd plaats staat dat God de tweede genoemde
ons niet thuis.
bij
tellen,
en in
1
Satan dit deed, heeft op ons Gereformeerde volk dan ook
omdat het Gereformeerde volk zeer wel verstond, hond met een steen werp, ik evengoed zeggen kan: Ik heb den hond geraakt, als dat ik zeg: Die steen heeft den hond geraakt. Het is hetzelfde wat de Heere zoo schoon aan den koning uit het Oosten voorhield, toen hij vroeg, of deze koning die Israël nooit
vat
dat als
gehad,
ik een
vernederen
zou,
daarom
roemen mocht als dan vraagt God:
lust aan Israé'1 gekoeld; en tegen
hem
die
daarmede houwt?
had »
hij
Zal een
zelf zijn eigen bijl zich
beroemen
Zal een zaag pochen tegen dien, die haar
Alsof een staf bewoog degenen die hem ophefen. Als men een stok opheft, blijft die stok dan geen hout?'" Immers zoo ook is het met Satan. God gebruikt Satan voor zijn heilige doeleinden, evenals een trekt?
herder den herdershond gebruikt
om
de schapen desnoods in de vacht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's