"Ons program" - pagina 280
264
PUBLIEKK EERBAARHEID.
grond,
geheel
dat
mannen
het
personeel
Zonder een terdege de
der
van boven
pohtie,
tot beneden, uit
besta, die zelven aller hoererij onverzoenlijk tot vijand zijn.
hoererij
zedelijk
toch
politie -personeel
Een agent,
niets.
vordert
ge
durft houden, moest, zonder dat er bidden of
zake
in
met een baanhoer een
die op straat
praatje
smeeken voor was, onverwijld
schelm worden weggejaagd. En inspecteurs of commissarissen,
voor
op welke wijze ook, oogluikend
behoorden Dit
worden vervolgd.
te
een dier radicale punten, waarop alles aankomt.
is
uw
kan
de hoererij door de vingers dorsten zien,
bij
wegens ambtsmisdrijf
zelfs
grenzen
jachtveld
zijn.
Wie
bewaken.
iilet
En zoo
een
strekt
zelf
stroopt,
wier
politie,
dunk verre boven de mogelijkheid
ieders
die,
zelf smokkelt,
uw
moreel karakter niet in
van verdenking
zelfs
maar ten
publieke eerbaarheid niet ten zegen,
Wie
geen hoeder van
ligt,
voor de
vloek.
Hoerer^ kan bestreden worden.
§ 193.
Maar omgekeerd
met een
is
deugdelijk moreele politie dan ook op het
stuk der hoererij veel, zoo niet alles te doen.
Want, en
men
houde
dit
gansch
bij
vraagstuk scherp in het oog,
dit
verreweg het grootste deel onzer bevolking, ten plattelande en
bij
kleinere
kwam
steden,
afmeting,
delijke
die
ze
de in
hoererij
de
in de
nog niet op een derde van de schan-
groote
centra
onzer bevolking wist aan
nemen. Wei weten we, dat het ook op onze dorpen zeer verre van
te
die
wil,
is
maar
een
zich
er bijna ongekend, en veilig
mag
toegaat,
heilig
hoererij,
als
geven voor geld aan elk
veil
gezegd, dat de meesten onzer
militiens en gymnasiasten naar de garnizoensplaatsen en
zonder ook maar te
hoererij
aannam.
elders
Vooral indien
men
streken neemt, die wat ver van groote marktplaatsen
of stedelijke kermissen af liggen, gaat deze
En
academiën komen,
vermoeden wat proportiën de gruwel der
toch,
hiermee
is niets
opmerking onbetwist door.
minder dan de zoo noodige overtuiging gewonnen,
dat het metterdaad zeer verre van onmogelijk tasten,
ook in de grootere en garnizoens-
hoererij
minstens tot op de helft terug
En om daartoe overheid terrein
te
geraken,
is
om, mits men door durft
is,
en
havensteden de zonde der
te dringen.
eigenlijk slechts dit éene noodig, dat de
noch zich zelve, noch de rechten die van haar uitgaan, noch het dat
haar
is
toevertrouwd, noch het personeel dat haar dient, ooit
of op eenigerlei wijze tot erkenning, bescherming, of bevordering der hoererij late gebruiken.
Zegt
de
overheid
eenmaal:
Hoererij
is
oneerbaar! en
stelt
ze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's