Het Calvinisme - pagina 105
HET CALVINISME EN DE WETENSCHAP
101
de erkenning van een algemeen iets, dat schuilt achter en zich uit in al het bijzondere. Dit dwingt tot de belijdenis, dat er in alles vastheid en regelmaat schuilt. Zoo v^^ordt de kosmos u niet een hoop los opeen geworpen steenen, maar een in strengen stijl opgetrokken monumentaal gebouw. Geeft ge dit standpunt prijs, dan tot
gegeven oogenblik onzeker wat er gebeurt, wat loop de dingen nemen zullen, wat elke morgen en elke avond aan u, en uw gezin, en elk land en elk werelddeel brengen zal. 's Menschen grillige willekeur is dan de spil waarop het alles draait. Ieder mensch kan elk oogenblik zus, maar hij kan ook zóó kiezen te handelen. Zoo is op niets pijl te trekken. Er is geen samenhang, geen proces, geen continuïteit een kroniek maar geen historie. En zeg zelf, hoe zal er dan wetenschap zijn? De studie der natuur moge dan vast blijven, de studie van het menschelijk leven wordt dan geheel op losse is
het
op
elk
;
schroeven gezet. Alleen feiten kunnen dan historisch geconstateerd worden, maar alle samenhang en plan valt dan uit de historie weg. Nu denk ik er natuurlijk niet aan, thans op het vraagstuk der wilsvrijheid
in
te
gaan.
Daarvoor ontbreekt de
tijd.
Maar staande
voor de tegenstelling van de eenheid en vastheid die het Calvinisme in het Raadsbesluit Gods beleed, en van de gespreidheid en losdie de Arminianen voorstonden, staat het dan toch vast dat de hoogere ontwikkeling der wetenschap in deze eeuw met een schier eenparige stem aan het Calvinisme gelijk gaf. De stelsels der moderne philosofen zijn alle voor eenheid en vastheid. Buckle's History of the civilisation in England bewees de vaste ordening op menschelijk gebied met verbazingwekkende, bijna wiskundige
heid
Lombroso, en op zijn voetspoor heel de school der deterministen onder de criminalisten komt in dit opzicht geheel op de Calvinistische lijn. En het jongste beweren, dat de wetten van bewijskracht.
erfelijkheid
en
verandering,
die
geheel
de organisatie der natuur
beheerschen, doorgaan ook op menschelijk gebied,
common ik
mij
is
nu reeds „the
creed" van alle evolutionisten geworden. Ook al onthoud dus op dit pas van elke beoordeeling zoo van deze philo-
sophische stelsels als van deze naturalistische hypothesen, er blijkt dan toch op overtuigende wijs, hoe ook in onze eeuw de geheele der wetenschap een kosmos onderstelt, die niet aan van het toeval ter prooi is, maar bestaat en zich ontwikkelt uit één beginsel, naar vaste ordinantie, doelende op één vast plan. Een eisch die, gelijk in het oog springt, lijnrecht tegen
ontwikkeling
het
spelen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's