Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 90
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
Joden tegen den Eomeinschen keizer geprikkeld hadden, tegen de niet te breken macht van Romes adelaar hadden gecomplotteerd.
trots der
en
En nu, als ge hier het oog op richt, dan zult ge het lijden, dat voor Jezus in dit tafereel van Jezus met Barabbas stak, verstaan. Of was niet al zijn strijd en al zijn ijveren al de dagen zijns levens op aarde geweest, om juist die valsche schim die zijn volk jaagde, te verdrijven'? Had niet bij elke schrede op zijn weg, die valsche verwachting van Israël hem den weg versperd en het doorbreken van zijn koninkrijk verijdeld? Heel de profetie had van zijn geestelijk koninkrijk geprofeteerd, maar Israël was bot en stomp geworden. Zij hadden oogen, maar zagen niet. Ziende merkten ze niet op. Ze hadden alles vervalscht. Het valsche beeld van hun aardselie, enghartig Joodsclie verwachting voor het geestelijk beeld der profetie geschoven. Daarom herkenden ze in Jezus den Messias niet want hij leek in niets op wat zij zich hadden voorgesteld. En daarom hadden ze telkens en telkens die valsche schim van liun eigen vleeschelijke verwachting tegen Jezus opgeraepen. Als hij de incarnatie van die valsche schim wilde zijn, dan, o, gewisselijk, dan zouden ze hem te voet vallen. ï)at is het als we lezen, dat ze Jezus koning wilden maken; en dan moest Jezus voor die valsche schim uitwijken en vluchten in de eenzaamheid. En als hi.] dan weigert de incarnatie van die valsche schim te zijn, dan rapen ze de steenen op om hem te ;
steenigen. Met die
valsche schim van een Joodschen volksheld die tegen in zou gaan, is Jezus vervolgd tot in zijn eigen kring. AVat heeft Petrus Jezus met die valsche schim niet gekweld, dat hij hem bestralfen moest, zeggende: „8atan, ga achter mij." Salome kwelde er Jezus ook meê. Nog in Grethsémané was het
de
Eomeinen
hetzelfde.
Alles het werk van den Verzoeker, die reeds in de woestijn die valsche schim als een verleidelijke gestalte voor Jezus' oog had laten schitteren. Voor u al die aardsche heerlijkheid, zoo gij neervalt en mij aanbidt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's