Het Calvinisme - pagina 147
HET CALVINISME EN DE KUNST
143
instrooming in het hoog beschaafde Romeinsche rijk van de nog weinig beschaafde Germaansche vollcssiammen, wier spoedig gevolgde kerstening reeds in de achtste eeuw de toongevende macht uit Italië naar benoorden de Alpen verplaatst had. Dit gaf aan de kerk een
door niets opgewogen overwicht, en tegelijk een ernstige roeping. Dank zij deze constellatie toch, had zij als voogdesse over alle menschelijk leven op te treden, en van die hooge taak heeft ze zich gekweten op zoo uitnemende wijze, dat zelfs religiehaat en partijstrijd het niet meer waagt aan den roem, welken ze zich verwierf, te knagen. Het kon metterdaad niet anders, of alle menschelijke ontwikkeling moest in die periode door de kerk gevoed en geleid worden. Er kon geen wetenschap, er kon geen kunst opbloeien, of de kerk moest ze dekken met haar schild. En zoo is dan onge-
dwongen en
vanzelf die specifiek Christelijke kunst ontstaan, die in
haar
aandrift
eerste
intooveren
in
het
het maximum van geestelijke minimum van vorm en tint en
expressie moest toon.
Een kunst
de natuur afgezien, maar uit de sferen des hemels ingede muziek in den Gregoriaanschen boei sloeg, met penseel en beitel akosmische scheppingen najoeg, en feitelijk alleen in den bouw van haar kathedralen onvergankelijken kunstroem heeft niet
van
roepen,
die
ingeoogst. Alle opvoedende voogdij intusschen werkt aan eigen vernietiging.
Een goed voogd
streeft er zelf naar,
zoo spoedig het kan,
hiermee, ook mondigheid intrad, zijn voogdij te bestendigen, dan ontstaat er onnatuur en prikkelt de voogdij tot verzet. Toen dan ook de eerste opvoeding der volkeren voltooid kon heeten, en de kerk nochtans haar hoogheid over heel het gebied des levens bleef uitstrekken, is er achtereenvolgens van vier zijden tegelijk roering en beweging ontstaan, op kunstgebied in de Renaissance, op politiek gebied in het Republicanisme van Italië, voor wat de wetenschap aangaat in Humanisme, en ten slotte centraal voor wat de Religie betreft in zijn
voogdij overbodig te maken, en poogt
hij
in strijd
als
de Reformatie. Deze vier bewegingen ontvingen haar aandrift ongetwijfeld uit zeer uiteenloopende, vaak strijdige beginselen, maar toch waren ze alle hierin één, dat ze ontkoming aan de kerkelijke voogdij bedoelden, en een levensuiting nastreefden uit eigen zelfstandig besef.
Dat ge deze vier machten in
in
de zestiende eeuw zoo telkens saam
bond ziet optreden, heeft dan ook niets dat verwondering baart. was het ééne menschenleven, dat den voogdijband ontwassen
Het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's