Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 185

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 185

meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren

3 minuten leestijd

,

klagen:

WONDERBAARLIJK OMLAAG GEDAALD."

177

die op Jen ver/ roorhijr/aai, aanisclioiuff o f er mijne smayler' clan hoort elk kind van Grod daarin een profetie van de klacht die op Golgotha viel te beluisteren, en is het hem, of zijn stervende Heiland het ook hem uit Grethsémané en van het kruishout toeroept: „o, Grij allen die op den weg voorbijgaat, aanschouwt en ziet of ooit een smarte lioort

een

smaHe

/*•

..O,

r/ij,

geJij^^

geleden is, als ik leed; ooit een lijden als mij is aangedaan F" Jeruzalem, 8ion, die tempel op Sion, en al wat in dien tempel blonk en schitterde, het had alles het beeld van Messias gedragen. En daarom toen Jeruzalem inzonk, en daalde en wegzonk, toen hebben die steenen het niet gevoeld en heeft dat voorhangsel het niet gevoeld, maar toen heeft de Heilige Greest er den profeet van laten profeteeren, hoe die weeklagen en doodsklagen van het stervend Sion slechts voorspel van de schriklijke vervaarnis waren, die eens Messias in zijn lijden zou bevangen.

De val, de daling, de inzinking en wegzinking was zoo ontzettend! Een door (xod verkoren plek. De plek waar Hij zijn heerlijkheid had

doen wonen. Zijn lieflijke woning waaruit de reuke der olferanden opsteeg voor zijn heilig aangezicht. En dan zulk een stad vertreden door godloochenaars, en door de goddeloozen bespuwd en uitgebrand. En ten leste de woeste heidenen staande op den top van den berg des Heeren, om het uit te gillen en uit te krijschen „.Jehovah is overwonnen, zijn huis ligt verbrand!" Vandaar dat de profeet dan ook klaagt „Hoe wonderhaarlijk is Sion oinJaafj f/edaaldy Gedaald, neen dat is het woord nog niet; maar omlaari gedaald moet de diepte der vernedering uitdrukken; en zelfs dat drukt het nog niet uit, en daarom klaagt hij „Hoe ironderbaarlijlomlaag gedaald is Sion!" Eens zong men in dat Sion: „(xij bultige berg Basan, wat verheft gij u tegen Sion. God zelf heeft dezen berg begeerd en zal hier eeuwigiijk wonen:" En nu, nu jubelde Basan en sprong de bultige berg van hoovaardij op, terwijl van Sions heuveltop niets dan de rook der puinhoopen omhoog steeg. En toch, ook dat was slechts profetie van de onbeschrijflijke, onuitsprekelijke vernedering waarin uw Jezus zou verzinken. Hij, bij wiens kribbe Grods engelen van glorie zongen; aan wiens lippen duizenden hingen; die aller krankheid genezen had; die op den Thabor had geblonken in majesteit en van Avien het én door én bij den Doop was betuigd: „Deze is het in wien Ik mijn :

:

:

;

12

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 185

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's