Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De engelen Gods - pagina 264

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De engelen Gods - pagina 264

2 minuten leestijd

DE EOEPING DER ENGELEN.

260

ons schuil blijven, indien dat zingen der engelen niet anders dan op

We

verborgen geestelijke wijze plaats greep.

met Gods engelen of

En

bespeuren.

te

het

engelenlied

Dit

nu

is

het

in

ontwaren

te

voor Grods troon kunnen saamstemmen.

der

rijk

van hen

nooit zou onze menschelijke zang met

nooit,

accoord

in

zouden dan eeuwiglijk

iets

Het leven van menschen

niet de voorstelling der Schrift.

engelen

en

saamleven, zonder ooit

heerlijkheid wordt ons veeleer als een

ook tusschen beider zang leert de ook in Openb. 4 9 en 10. Als en eere en dankzegging gaven heerlijkheid Cherubijnen engelen of de Hem, die op den troon zit en leeft in alle eeuwiglieid, zoo vielen de gezaligden voor Hem neder, en ook zij aanbaden Hem, en wierpen hun kronen voor den Troon, zeggende: »Gii, Heere, zijt waardig saamleven

heilig

Schrift

Zie

en

het

:

Duidelijke

de heerlijkheid en de eere en de kracht!"

ontvangen

te

voorgesteld,

samenhang.

ons

samenhang alzoo heeft der engelen lied met s' menschen zang. Als de engelen hun strophe uitgezongen hebben, vallen als in beurtrei de gezaligden in, en hun zang geeft een echo of weerklank op wat de Cherubijnen voorzongen. Zeer

stellig

we

ontvangen

alzoo

den indruk, dat in het

heerlgkheid de engelen op zulk een wijs hun het

dat

gehoord

voor

de

gezaligden

gaf op

is,

waarneembaar

rijk der

loflied zullen aanhejBFen, is.

Wat

bij

Bethlehem

En

beurtgezang des hemels een voorspel.

dat

dat we thans dien zang der engelen niet hooren is een berooving van hoogere, hemelsche muzikale genieting, die ons om onzer zonde wil

overkomen

is.

Welke

plaats in dit verband de wereld der tonen en

de toon- en zangkunst in dit tegenwoordige leven innemen, kan hier

worden uiteengezet; maar dat er samenhang muziek en die muziek die ons nu reeds zal wel gegund is, niemand betwijfelen. Zoo schoon zegt de op aarde Psalmist: »A1 uw fonteinen en al uAvs/>egZ/«Wew zullen binnenin u zijn." En wie nu reeds dwepen kan met een verrukkelijk instrument, en met in

niet

al

zijn breedte

bestaat tusschen die hemelsche

virtuosen der toonkunst, en

wat dit alles nog muziek der sferen,

die

met

beduiden

te

rijke uitvoeringen, die

heeft, vergeleken

aan Gods kinderen eens

bij

vrage zich die

af,

heerlijke

in het oor zal klinken,

hemelsche orkest voor den troon van Gods almachtigheid eens in vol en zuiver spel, met tonen die ons tot in den wortel van ons wezen aangrijpen en meesleepen, den lof van Gods eeuwige liefde, als het

met den

lof

weerklinken.

Lam

van het

Wie

ooit

dat geslacht

is,

door

over de toppen der bergen, langs de velden van

en

zich

alle

hemelen

vermenigvuldigen

hoorde,

zal het

dan niet

doen

ijs

en sneeuw, rollen

weet hoe machtig nu reeds zulk

een heerlijke muziek uit den hooge en uit de verte de

Wat

zal

de zilveren tonen van den alpenhoorn hoog

zijn,

als eens niet

ziel aangrijpt.

een Bach, maar een Gabriël

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's

De engelen Gods - pagina 264

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's