Het Calvinisme - pagina 184
180
HET CALVINISME EN DE TOEKOMST
komt het verschil uit in de worsteling zelve. de grasspriet hier niet van, en de spin blijft de vlieg omwoelen, en de tijger het hert dooden, zonder dat het zwakkere zich hiervan rekenschap geeft. Maar onder menschen zijn we ons van die verschillen helder bewust, en voor ons is de vraag alzoo niet te onderdrukken, of deze theorie der Selectie een stelsel is, dat den bestaan volhardt,
Nu weet
zwakkere, den minder bedeelde verzoenen kan met
zijn bestaan.
Op
dan tot zichzelf, dit stemt gij toe, kan verwoeden strijd prikkelen, en dat wel met een lasciate andare ogni speranza voor den zwakke. Tegen het noodlot, dat het zwakkere door den sterkere verslonden wordt, vermag eigen worsteling toch niets. De verzoening zou hier dus uit de idee moeten komen. Doch welke is die idee? Dit immers, dat waar deze verschillen zich vastzetten, en aldus de wezens in hun tegenstelling uitkomen, dit óf de vrucht is van toeval, óf wel het noodzakelijk resultaat van een blinde natuurmacht. En meent ge nu waarlijk, dat ooit de lijdende menschheid door zulk een oplossing met haar lijden zal worden verzoend? Toch juich ik het opkomen van die theorie der Selectie toe, en ik bewonder de onderzoekingsgave en de denkkracht van de mannen die haar ons aanbevelen. Niet natuurlijk om wat ze ons als waarheid uitvent, maar omdat ze het diepste grondprobleem weer aandorst, en alzoo, in die diepte der dingen, weer gelijkvloers met het Calvinisme komt te staan. Immers dat juist is de hooge beteekenis der Electie, dat hiermee door het Calvinisme, voor nu reeds drie eeuwen, datzelfde grondprobleem onder de oogen werd gezien, edoch opgelost niet door blinde selectie in onbewuste cellen, maar door vrijmachtige Electie van Hem, die aan alle ding het aanzijn gaf. De beschikking over alle wezens, wat camelia en wat boterbloempje, over wat nachtegaal en wat kraai, over wat hert of zwijn zal zijn, en zoo ook onder menschen, de beschikking over onzen persoon, of iemand als meisje of als jongen, als rijk of arm, als bot of geniaal, en zoo ook als een Abel of een Kaïn zal geboren worden, is de ontzettendste beschikking, die in hemel of op aarde denkbaar is, en die toch dag aan dag voor onze oogen wordt uitgeoefend, ja waar wij zelven, gij en ik, met heel onzen persoon aan onderworpen zijn, en waar heel ons aanzijn, heel onze aard, heel onze positie in het leven van afhangt. Deze alles omvattende beschikking nu legt de Calvinist niet in de hand van een mensch, en nog veel minder in de hand van een blinde natuurmacht, maar deze
theorie niet anders
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's