Het Calvinisme - pagina 63
:
HET CALVINISME EN DE RELIGIE
59
kon de Puritein alleen bij gelukkige inde warmte van zijn zedelijken ernst tegenover de alles bevriezende kilheid van het dogma der praedestinatie beveiligen. Van Roomsche en Luthersche, van Remonstrantsche en Libertijnsche zijde is het dan ook altoos weer aan het Calvinisme voor de voeten geworpen, dat zijn onverbiddelijk vasthouden lijdenis
geboren,
en
als
consequentie
aan de absolute voorbeschikking, geculmineerd in de volharding der heiligen, slap in de practijk, ruim in de conscientie, en los in den wandel moest maken. Maar het Calvinisme antwoordt op die klacht niet door redeneering tegenover redeneering, maar door stil en ootmoedig, een wereldbekend feit tegenover zoo valsche Consequenzmacherei
te stellen,
en vraagt
u,
wat de overige
religiën op het stuk van hoogen levensernst tegen het
Puritanisme
hebben over te stellen. „Zullen we dan de zonde doen, opdat de genade te meerder worde ?" werd door die zelfde Consequenzmacherei reeds aan den heiligen apostel voorgeworpen, en toen in de 16e eeuw de Heidelbergsche Catechismus de vraag had te weerleggen „Maakt dan deze leer geen zorgelooze en goddelooze menschen ?" sprak ook uit deze vraag niets anders dan een repetitie van denzelfden laster. Zeker, het aanhouden, en zelfs koesteren van inwonende zonde, en ten slotte zelfs het Antinomianisme greep keer op keer de Calvinistische Belijdenis als een schild aan, waarachter het zijn wereldzin verstak, en
waarmee
het zijn vleeschelijken
lust
dekte. Maar zoomin het abstract nastamelen van een belijdenis ooit iets met Religie uitstaande had, zijn deze napraters der Calvinistische
Confessie ooit Calvinisten in hun hart geweest. Calvinist in het hart
van voor de overweldigende kracht zijner eeuwige Liefde bezwijkend, die majestueuse liefde in het geloof van door Hem uitverkoren te zijn, en Hem alzoo alles te danken te hebben, tegenover Satan en de wereld en den wereldzin van zijn eigen hart belijden dorst; en zulk een kon niet anders dan voor is
alleen
hij,
die persoonlijk in de eigen ziel door de Majesteit
den
Almachtige
God
en
zijn
aangegrepen
Woord
en
beven, en vond in de vreeze des Heeren vanzelf
ook voor zijne levenspractijk. Nomistiscfi heeft men het Calvinisme deswege genoemd, en het daarom van de soteriologische religiën afgezonderd, doch ten onrechte. Nomistisch is wie door
het beginsel
wetsvolbrenging
zijn heil
verzekeren wil, terwijl het Calvinisme nooit
anders dan geheel soteriologisch Christus
en
zijn
oneindige
uit
den hoogheiligen persoon van het heil den zondaar doet
verdienste
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's