"Ons program" - pagina 320
304 en
's
ook aan een hooger, gemeenschappelijk recht gebonden, nevens de
dies
nog een andere gemeenschappelijk-menschelijke taak
nationale,
bijzondere
hadden, waarbij de ordinantiën hen leiden moesten van den
volbrengen
te
saam erkenden,
door allen
heiligen, drieëenigen God,
Vandaar de overtuiging,
waarvan de
vormt,
dat,
gelijk
allen
heidensche
wordt
en
periode zelfs
deze
bestond in
wereldrijken;
der
nu nog
zijn,
zoo ook
saam weer op hun beurt één
groot of klein, één der samenstellende deelen
overtuiging
organisme
zedelijk
geheel uitmaken, waarvan elk volk een levend
organisch
Deze
een
natie
elke
gemeenten de geledingen
en
gevs^esten
van ons werelddeel
volken
de
LANDS DEFENSIK.
lid
groot
en elke natie,
is.
hoogere
nog
opvatting
niet
in
de
vreemd aan het Csesarisme;
bleef
dan zeer spaar-
in de „landen der afgoderije" niet
zamelijk gevonden. Ze schoot eerst onder de koestering van het Christendom wortel;
dien
uit
is
hoofde dan ook Christelijk naar oorsprong en inhoud;
kan dientengevolge nog nader omschreven
en
een besef, hetwelk de
als
volkeren in alle hoeken en streken van Europa doordrong, dat de gedoopte
saam één „groote volkerenfamihe" vormden,
natiën
die juist in de kern-
achtige diepte der nationale onderscheidenheden, de kracht voor haar hoogere
eenheid vond. door
Eerst
werd een
sluwheid
gevormd voor de internationale betrekkingen; niet
uitsluitend op
wapengeweld, maar ten principaalste op de
vastigheid der
het
en
beschrevene deze
werd het volkerenrecht op den echten stam geënt;
besef
zedelijke grondslag
kwam
en
dit
rechts verband
nu
rusten,
te
wier aanhef onveranderlijk
Tractaten,
klassieke,
van Europa
nog
aanroeping:
gebezigde
wijding
schonk
door
den
Naam
der
„In
heilige Drieëenheid!"
God van Nederland.
§ 227.
En
der geesten, die zich aldus in het nationaliteits-
een gesteldheid
bij
gevoel verdiepte, en in het besef van een hooger recht, dat over de volkeren
waakte,
kracht
zocht,
kan het dan ook ten
ten oorloge, dan moest wel,
meer nog dan
slotte niet anders, of ging het
in
wapengeweld, het vertrouwen
op triomf en zegepraal in het onuitdelgbaar geloof rusten die
dat
:
1.
die God,
van deze nationale existentiën de Schepper was, haar dan ook tegen
vernieling beveiligen zou dit zijn
;
en dat
2''.
de Rechter der gansche aarde ook aan
volk zou recht doen.
Alleen
in
„God
der
daar
tegen
onderling
dezen
vaderen"
zin,
en
aanvoerde, beoorlogen,
en in geen
anderen,
werd
er
dan ook van een
van een „God van Nederland" gesproken. En wie dat
dan
leefden
toch
van
altijd
twee
eenzelfde
volken
illusie,
tegelijk, bij
hun
een
van
en
dus
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's