De overheid - pagina 11
Inhoudsopgave. 1".
Een mensch kan nooit „supremum"
2".
Souvereiniteit duldt geen grenzen,
3".
Kan dus
zijn.
is
vü 139
absoluut.
alleen ontleend aan absolute productie.
140
141
Schriftuurl. uitdrukking: „pottenbakkersmacht" (ectyp.)
Die macht archetypisch
N
I,
i
e
e c
t
t
en alleen ectypisch
houden
:
of te vernietigen. zijnde, heeft de
goed
schiep, als
't
te loven
mensch dan ook
eenigszins anders).
al
wat
zin
op
h.
gebied v.d. geheelen 147
(De natuur; 148 de dierenwereld (hierin
148
149)
Niet te weerstane inhaerente ordinantiën in de schepping
bewuste leven. (Engelen- en menschenwereid.)
V. h.
en zooals
Hij schiep,
146
Deze vrijmacht geldt in gelijke mate en gel. zoowel op dat V. h. onbew. KÓ<r/u,og, al
143
God, geen lex aeterna, maar vrijmacht om te scheppen 143 zóó of anders te scheppen, het creatuur in stand te
y p. in
Beeld Gods II.
den mensch.
in
niet te scheppen,
of
Hij
God
in
142
gegeven
als
opdat 149
Hier treedt die
vrijmacht op als souverein „gezag" tegenover „de causae secundae" en wel
gebod
het
in
1".
;
2".
daarin, dat
't
Gods
eindresultaat in
bestel ligtopge-
sloten.
Ook
schepping gefundeerd, krachtens welke alleen creatuur is en 151 ordinantiën daarvoor, 3". verplichting tot gehoorzaamheid, 153 straf en handhaving v. d. verborgen wil Gods bestaan.
dit
gezag
2". 4".
i.
d.
Het beheerscht het geheele
in
dezen zin
is alle
om
Buiten Zijne souv.
6.
zeggenschap over den persoon."
kan souv. van mensch over mensch of vrijwillige
onderwerping verkregen,
is
niet bestaan. geen gezag.
154
155
terecht aan het „ni maïtre" der Fransche Revol. het „ni Dieu" vooraf. 157
De uitoefening van het souverein gezag. Het souv. gezag kan
I.
153
souvereiniteit ten slotte Godes.
Gezag, door geweld, afspraak
Daarom
intellect., eth., sociol., aesthet. terrein, enz.
engerenzin:
Souverein gezag in
Ook
150
bewust
er een
1".
in eigenl. zin
nooit
lóO
worden overgedragen.
161
Nooit kan een mensch als zoodanig overhoogheid over anderen bezitten ten eerste, omdat alle mensch in zonde ontvangen en geboren wordt; 161 Dit te ontkennen leidt 1". tot ondermijning v. h. gezag zelf, 2". tot vernietiging der vrijheid, 3". tot zelfverheffing v. d. mensch. ten tweede, omdat theologisch beschouwd, God zelf daarmede zou ophouden Souverein, A. Het
d.
i.
God
Deïsme moet
163
te zijn.
die overdracht in eigenl. zin
nemen, want het abstraheert 164
God van den kosmos. B.
Het alle
C.
Het Theïsme handhaaft c e
II.
Pantheïsme vereenzelvigt God en wereld en vernietigt daarmede 165
gezag.
n de n
Zijn
God
als Souverein, Die,
immanent
en trans- 166
t,
gez.
uitoefenen.
volg.
d.
H.
S.
1'\
rechtstreeks,
2^.
door middelen kan 167
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's