De overheid - pagina 162
LOCUS DE Magistratu.
144
wat goed is, en alle beschikkingen van vader over kind, van heer over knecht, van mensch over mensch zijn niet vrijmachtig, maar komen daar vandaan, dat men gebonden is aan een hooger beginsel van recht en deugvan
Gaat
delijkheid.
een vader tegen dat hoogere beginsel
b. v.
Zoo
een voortrekt boven den ander en onrecht doet.
vader en daarmede de vader zelf
in schatting,
daalt de
ling, ten
dat
;
brengt over,
God den Heere
opzichte van het
recht
niet
dat de een
is,
daad van den
Wordt
achting en eerbied.
nu op God overgebracht, dan wordt door de menschen,
is
dan ontstaat
in,
kind een besef van ontevredenheid, dat vader willekeur gebruikt, den
het
bij
als
altoos gezegd, dat dit of dat niet recht
de ander dat levenslot heeft
dit,
men dus op God den Heere een dan poneert men wel God als een Zoo
beginsel van recht.
lex aeterna, waaruit zijne beschikkingen en
al
krijgt
heel groot mensch, als een koning,
men de zoogenaamde
het
natuurrecht ontstaan
wat
Hij"
Waarvandaan komt dan Ze
recht. In
en
rust
dan
dat het goed
keer
te
onderworpen
zich
zelf,
was om te
b. v.
dood
want het recht
te slaan, te stelen
kwam men
gaan
gesteld en
God
ende
Gods
en
als
bestaande,
't
regeling
zoodat
beheerschen. het
stuk
verschil
in
men
van
God onrecht
en den echt te breken.
Om
voor den dag met de lex aeterna, waaraan deze.
is
De
lex aeterna
wordt boven
God daaraan kxoocriMg, als uit God voortvloei-
;
de lex aeterna, niet wil
en
ordinantie,
maar
als
op zich
praedomineert altoos deze gedachte, dat
levenslot,
het gezag in
is
laten strijdt, geeft ons
en onrecht pleegt.
God
al
wat daarte klagen,
Dit
komt
ectypisch maakt. Ectypisch
de mensch macht ontvangt, maar gebonden
is
terrein bij
God moet
dan recht God aan
aan vaste begrippen van recht en deugdelijkheid
Gods doen en
zelf
doet, als Hij Zich niet door die lex aeterna
ontevredenheid, op geestelijk gebied zich openbarend
Bij alle
dat Hij onrechtvaardig dat
nu eenmaal
van verkiezing en verwerping en op maatschappelijk
van
gehoorzamen
mede
als recht is
daaronder, evenwel onderwierp zich niet
laat
aan de lex aeterna.
men verweer tegenover het Scotisme en Jezuïtisme de stelling vededigt, dat God morgen zou kunnen zeggen,
want God wilde het slechte
bij
als Hij is
die lex aeterna?
in
ook God onderworpen was. De quaestie
Qod
God de Heere bij God zijnde,
deze stelling zocht
alle richting, die
dit
alsof
is,
blijft
valsche stelling van
deed, het alzoo deed, omdat Hij,
niet slecht en onrechtvaardig zijn kan,
Antw.
dan
;
ectypisch begrip van souvereiniteit
een keizer, ja nog meer dan een keizer, maar als één, die onderworpen
aan
dit
schepselen onder-
;
alles alleen hierop neer, bij
den mensch
aan een wet, die
hij
is,
dat
niet over-
treden mag.
Wanneer men bij de tegenwoordige Ethische richting (niet bij de orthodoxe, mnar bij de moderne Ethischen) het proces nagaat, waarin ze voortschrijdt, dan
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's