Het Calvinisme - pagina 66
HET CALVINISME EN DE RELIGIE
62
den mensch, toen Hi] hem schiep, in het hart schreef, en in zijn bekeering weer grift op de tafelen van datzelfde hart. Aansluiting alzoo aan de conscientie niet als aan een individueelen wetgever, die een ieder apart in zich omdraagt, maar als aan een rechtstreekschen sensus divinitatis, waardoor God zelf ons in ons binnenste prikkelt en aan zijn oordeel onderwerpt. Niet de religie afzonderlijk met haar dogmatiek, en daarnaast als een tweede iets ons zedelijk
met een ethiek, maar de religie ons voor God stellend en die God ons van zijn heiligen wil doordringend. Liefde en aanbidleven
ding
zelf
vreeze
het
Gods
motief
als
een
voor
alle geestelijke handeling,
realiteit in
en aldus de
heel het leven ingedragen, in gezin
maatschappij, in wetenschap en kunst, in het persoonlijk en in het staatkundig leven. Een verloste, die bij alle ding en in alle levenskeus zich eeniglijk laat beheerschen door een hem diep ont-
en
eerbied voor den steeds hem presenten en hem gadeGod, ziedaar de echte Calvinist. Altoos en in alle ding de diepste, de heiligste eerbied voor den altoos tegenwoordigen God, als richtsnoer van het leven, ziedaar u het beeld geteekend van den oorspronkelijken Puritein. Wereldschuwheid is nooit zijn kenmerk, maar het parool van den Anabaptist geweest. Het Doopersche dogma van de „Mijdinghe," bewijst dit. Dualistisch staan dan, naar luid van dat dogma, de „heiligen" tegen de wereld over. Ze zweren geen eed, ze gaan in geen krijgsdienst, alle magistratuur wijzen ze af. Hunner is hier reeds een nieuwe wereld, die met deze oude wereld niets uitstaande heeft. Alle verplichting jegens, alle verantwoordelijkheid voor die oude wereld schudden ze van zich
roerenden slaanden
af,
en mijden haar stelselmatig
smetting.
Maar
dit
juist
uit
betwist
vreeze voor bezoedeling en be-
en
ontkent de Calvinist. Er zijn
geen twee werelden, die als de booze en de
goede wereld
in elkaar
een en dezelfde persoon, dien God recht schiep, die daarna viel en zondaar werd, en het is die oude zondaar die herboren wordt en ingaat ten eeuwigen leven. En zoo ook is
worden geschoven. Het
is
het één en dezelfde wereld, die eens het Paradijs droeg, sinds met
den vloek overtogen, en door algemeene genade in stand werd gehouden, die nu door Christus verzoend en gered is, en die straks door den wereldbrand henen, haar staat van heerlijkheid tegemoet gaat. Juist daarom echter kan de Calvinist zich niet in zijn kerk opsluiten, om de wereld er aan te geven, maar is het veeleer zijn verhoogde roeping, om die wereld naar Gods bestel op het hoogst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's