De engelen Gods - pagina 281
DIENST Df!R ENGELEN.
ÜJi
277
op deze drie gronden zouden we er daarom toe neigen, om dan dusver zekere plaats in te ruimen aan de A^oorstellino-,
Reeds
meer
Voorzienig
het
dat
gewelddadige
bestuur
van
Heere
den
reuzenschreden
of
sjjrongen
God
onzen
Schepping onmiddellijk en rechtstreeks werkt, maar dingen in het creatuurlijke, die zich van hooger
langs
trilt
met
niet
noch ook evenals
in
de
o-elei-
naar lager toe bewegen, en waarbij alzoo ook de engelen een instrumenteelen dienst vervullen. En hier komt nu bij, dat de Heilige Schrift ons althans enkele uitspraken van meer algemeen karakter voorlegt, die deze voorstelling
eer
dan
bevestigen,
behoort allereerst, wat in Hebr.
bestemde geesten
tot dienst
veroordeelen.
1:14 gezegd
zijn, die uit
wie
aan
uitverkorenen,
een
te
om
dergenen
beperken tot die enkele
verschenen
engel
deze uitspraken
worden gezonden
Dit
wil, die de zaligheid beërven zullen".
Tot
wordt, »dat de engelen
is,
gaat niet aan, en
aan het woord van den apostel geweld aan. Alles te zaam genomen zijn er nog geen vijftig personen, aan wie persoonlijk zulk een engelverschijning, in verband met hun zaligheid, verschenen is, doet
hoe
en
om
de engelen uit worden
dat
dergenen wil die de zaligheid beërven zullen V Dit zeggen
algemeen
gansch
is
men dan zeggen kunnen,
zou
gezonden
moet dus
en
ook
algemeen
verstaan worden.
Ongetwijfeld ligt hier dus in opgesloten dat er niet één uitverkorene die de zaligheid beërven zal, zonder dat bij dit- Averk der
is,
van engelen gebezigd wordt.
.dienst
oud en wel bedaagd
sterft
voor
het
levenslicht
van de wieg
zijnde, of reeds
zoomin
sluit,
genade de
Hetzij dan zulk een uitverkorene
het
in
ééne
als
liet
oogelijn
in
het andere
PI
eiland zegt,
geval kan de dienst van engelen geloochend worden.
Van
» engelen
de
dat
Vader
zijnen
van
de
kleinen
van
de
die in de
evenzeer wat onze
is
kinderkens
hemelen
altijd
is
zegt
veracht,
van
sprake
Jezus
nu: »Ziet
want ik zeg
dus
zeker
»de
u,
zien het aangezicht van
Dat zeer bepaaldelijk de engelen
is".
kinderkens, die zalig icorden^ bedoeld
Er
band.
stelt
algemeene strekking
een
zijn,
En met
kleinen". toe, dat g^j
blijkt uit het ver-
het
oog op deze
niet een van deze kleinen
dat hunne engelen altijd zien," enz.
verband
persoonlijk
tusschen
deze
engelen
Jezus en die
duidt ze daarom als de engelen dezer kleinen aan. In 14 wyst dit er op, dat de engelen nu met Hebr. 1 die voor Gods troon staan zekere gestadige bemoeienis hebben met de uitverkorenen op aarde, ook al z^n ze nog tot de kleinen te rekenen. Dit is op zichzelf nog volstrekt niet de leer van een beschermengel. Daaronder toch verstaat men een engel die het bijzonderlijk voor ons opneemt en hij God voor ons zorgt; terwjjl in Matth, kleinen,
en
verband
18
:
zorgt
10
:
veeleer
door
een
geleerd engel.
wordt, dat
We
God
ontkennen
zelf voor
daarom
zyn uitverkorenen
niet,
dat er ook
iij
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's