Het Calvinisme - pagina 23
HET CALVINISME
IN
DE HISTORIE
19
niet, maar al waardeerde men Calvijn, toch de 16e en 17e eeuw in het besef, dat Één meerder dan Calvijn, dat God zelf, hier had gewrocht. Bij geen enkele algemeene beweging in het leven vindt ge dan ook minder afspraak, minder conventie, minder een uitstralen uit één punt. Gelijktijdig ziet ge het Calvinisme in alle landen van West-Europa onder de natiën opstaan, en het treedt bij die volken te voorschijn niet doordat de universiteit er zich voorspant, of de geleerden het volk leiden, of een magistraat zich aan de spitse stelt, maar het komt uit den boezem van het volk zelf; bij wevers en landbouwers, bij werklieden en dienstboden, bij vrouwen en jongedochters, en bij allen toont het een zelfde kenmerk Verzekerdheid des geloofs, zonder tusschenkomst der Kerk, ja, tegen de Kerk in. Het menschelijk hart is met zijn God tot eeuwigen vrede gekomen, voelt zich door die gemeenschap met zijn God gesterkt, beluistert er een hooge heilige roeping in, richt op de eere Gods elke levensuiting en elke kracht, en als de man of vrouw, die dat leven met God deelachtig werd, gedwongen wordt om het geloof prijs te geven, dat kunnen ze niet, dan moeten ze hun God vasthouden, en bestijgen ze bij duizenden en tienduizenden den brandstapel, niet klagend, maar juichend, met een loflied in het hart en met een psalm op de lippen. Dit nu had niet Calvijn maar God door zijnen Heiligen Geest ge-
baarheid ? In het minst
leefde
men
in
:
daan, in Calvijn gelijk in hen. Calvijn stond niet boven hen, maar als zijn God gezegend. En zoo nu is het Calvinisme tot zijn grondopvatting van een rechtstreeksche gemeenschap met God gekomen, niet omdat Calvijn die heeft uitgedacht, maar omdat God zelf aan onze vaderen in die rechtstreeksche gemeenschap een schat schonk, waarvan eerst Calvijn zich klaarder bewust werd. Dit is het hooge feit des Heiligen Geestes in de historie, waardoor het Calvinisme geheiligd is, en wat ons zijn wondere aandrift verklaart. Zie, er zijn tijden in de historie, dat de pols van het religieuse leven flauw klopt; er zijn andere tijden dat de golfslag van het religieuse leven hoog gaat, en dit laatste was het geval in de 16e eeuw, met name bij de West-Europeesche volkeren. Als de Middeleeuwen ten einde loopen, beheerscht de geloofsquaestie alle actie in het leven der natiën. De nieuwe historie gaat van het geloof uit, gelijk de jongste, de moderne historie van den ongeloofskreet der Fransche Revolutie. Naar wat wet dit op- en neergaan
een
broeder naast hen, mét hen door
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's