De overheid - pagina 164
LOCUS DE MAGISTRATU.
146
Gnostische
ste
De Gnostische
stelsels.
ontkomen en
richting beproefde aan de moeilijkheid te
boven den Oeóc een hoogeren
stelde
nog een hoogere,
den
enz. tot het uitliep in
Zoo
cheïsme verschillende goden boven elkander, de hoogste
nimbus en de zaak
mysterieus op
gaat
verdwijnt in een dat alles is
niet verklaard.
Daarom moet om De creatie creatie. obligo
God
laat-
Mani-
het
stelt
Doch met
het onbegrijpelijke.
in
boven dezen
Öeoc, en Bi^^o^.
om
lag
het souverein gezag te fundeeren teruggegaan
absoluut gezag,
stelt
creëeren,
te
d.
w.
z.
worden op de
dat Hij, die creëert, onder geen
om
noch onder obligo
zoo en
niet
Zoodra men aan de vrijmacht Gods paal en perk gaat
scheppen.
boven dien God een hoogere macht gaat aanbidden,
anders te
en
stellen
daardoor de souverei-
is
van God vernietigd. Souvereiniteit is een volkomen absoluut begrip. Wanneer nu God de Heere, zonder onder eenige lex aeterna te zijn, of onder
niteit
eenige obligo te staan, creëert, wat Hij ook niet kan creëeren, zoo schept, wat Hij
ook anders kan scheppen, schept met dat
bestemming gericht kan, dan wij
wat God schiep, en zooals
al
Waarom
wij,
we
letten
Wanneer die
menschen
wij
daar
„hoe
aeterna, die
om
steen
vraag
te
is,
't
waar
schiep, als
't
tot lof, dien ontbreekt het
van recht en van wat ayoL^av :
Hij
doel,
't
ook op een andere
begrip van de religie zelf voort, dat
gaan loven, (en die
zullen
goedkeuring
alle lof
't
goed
loven hebben.
te
scherp op deze tweede schakel ?
geen behoefte heeft
vraag
vloeit uit
is,
om
is in
te
want
lof is betamelijk,
aan vroomheid), dan moeten
kunnen loven en aanbidden ook eene keur
ons eigen menschelijk besef hebben.
Nu
is
de
komen
wij daaraan ?"
Deze kunnen we
begrip
God
Waaruit komt dan de maatstaf, de toets-
vernietigt.
keuren wat recht en wat goed
dat
de mensch geschapen
is
naar
is
?
niet
hebben
uit
de lex
Het eenige antwoord op deze
Gods beeld en
als
zoodanig kan
God zelf. Waar nu natuurlijk die toetsteen van recht en onrecht, van goed en kwaad in ons geen andere kan zijn dan de aan God zelf ontleende, de uit God zelf in ons uitde mensch geen andere keur hebben, dan die ontleend
gestraalde, die
ingeprente
toetssteen,
leiden,
dat
we
het
want anders zou
Te gelooven elke
en
klacht
de
in
over
absolute
en
waartegen
ingeplante, daar
niet
niet
grond,
goed
in
het in den aard der zaak, dat
is
tot het resultaat
of onrechtvaardig
aan God ontleend
de vrijmacht Gods onrecht
aan
ook gebruikt wordt, nooit
hij
werk Gods
hij
ligt
is
zijn,
maar aan
iets
alle
buiten God.
derhalve de absolute vernietiging van
God, van elke ontevredenheid met
waaruit
kan
zouden keuren,
lof
zijn levenslot
en aanbidding opspruit.
Dit
is
het
gewichtig probleem van de tegenstelling tusschen Gods geopenbaarden en ver-
borgen
wil.
hier slechts
Dit evenwel zou ons thans te ver afleiden.
om
niet in
de war
te raken.
We
commemoreeren
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's