"Ons program" - pagina 254
238
JUSTITIE.
consciëntie, zoowel doordien
de
In
gunt
in
gemoedsleven,
eigen
zijn
van den tijdgenoot
zoo
doet
getuigen
als
tegen
rust
van het nageslacht; de inspraak des gewetens
wat
al
den overtreder geen
Hij
doordien Hij in de publieke opinie;
als
was
krenking
van
onschendbaar
zijn
recht.
bezoeking. Wat den
de
In
meestal
die
plagen
spoeden,
en
waarmee
stand,
elementen
der
krankheden,
en
landstreken
liën,
enkele betreft, én door de wrange vrucht
voor den ongerechtige draagt; én door de tegen-
onrecht
het
en
hetzij
door
hetzij
door
smetstof
de
hem
over
Hij
komt;
over ze
Hij
natuur
die
aangaat,
natiën
der
brengt.
En wat
fami-
de vorachtering in welde
verwoesting,
pestilentie
onder
die
de
aan-
ze
richten.
En
oordeel, doordien
eindelijk in het
een dag gesteld heeft, waarop
Hij
natiën en volkeren voor zijn vierschaar zullen verschijnen, en Hij aan
alle
een iegelijk vergelden
zal,
naar wat
hij
lichaam gedaan heeft, hetzij
in het
goed, hetzij kwaad.
Maar naast ,deze rubriek
van rechtshandhaving
werkt;
en
alzoo
het
schen; en wel door hun levenskring
elk in
In
de
dien
nu
zin
vader in
nu nog, even
drie staat
is
die
;
goddelijk
niet
Niemand beelde
die
Naar
omvang
zelf
niet,
zijn, in
i
dde
1 1 ij
k
men-
relatief
zin zou
mag
het land.
van den koning
En
ooit de
handhaving
kunnen uitgaan.
dit niet
omdat de landssouverein
van het
over waakt.
erf
naar omvang. b.
v.
den vader
als eigen-
van het huisgezin heeft
terrein der consciëntie heeft af te blijven,
eindelijk niet te treden heeft in
wat het
te
waar
zedelijk
intiemeren zin krenkt, en dus ontsnapt aan de mogelijkheid
in
constateering;
juiste
m
vierde
met de hoogheid der oppermacht
handhaver der gerechtigheid op het
bewustzijn
van
volstrekten
naar inhoud, en
eerbiedigen. Voorts
God
maar
handhaver der gerechtigheid op aarde,
alzoo
zich derhalve in, dat
der gerechtigheid in
aardig
rechtstreeks,
een
gezin; tijdelijk de kapitein op zijn schip; en absoluut de
zijn
dit niet
beslist,
zijn bekleed.
koning, of wie anders souverein mocht
Ze kan
en
gezag tot gelding doet komen door
menschen,
die
stellig
als
in
gevallen
van
gierigheid,
hooghartig-
heid, enz.
En evenmin naar inhoud, omdat de souverein het middel mist, én om steeds in volstrekten zin te weten wat recht is, én om met volkomen zekerheid
te
laten
beoordeelen,
om, waar de schuldige zich ontdekken;
én
eindelijk,
om
of
er
verborgen
schuld
is
in
den aangeklaagde, én
houdt, intijds zijn schuilplaats te
den beleedigde of benadeelde in
herstel te verschaffen van schade.
integrum
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's