Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 208
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
;
„ZONDE A'OOR ONS GEMAAKT."
200
denken, of de zonde is er op uit, om ook dat fijnste te bederven en tot zonde te maken. Nog- eens, ze kan niet rusten, eer lieel uw persoon met zonde verzadigd is. Dan eerst als alles in u zonde zal geworden zijn, laat Satan van u af. Of liever, dat zal nooit zijn, want daar doet de zonde eeuwig over. En dat juist zal de hel der rampzaligen zijn, als elke weerstand van het goede in hen overmand is, en ze willoos en weerloos het eeuwig moeten aanzien en eeuwig gedoogen, dat de zonde hun ziel opeet, hun hart uitmoordt en hun levensbloed vergiftigt. Satan zelf, dat is de geheel verzondigde, en de straf der helle zal geen andere zijn, dan eeuwiglij k al verder van Grod af te geraken en telkens dichter te naderen aan den Duivel. Hier op aarde wordt ons toegeroepen „Zoek de gemeenschap met uw Grod!", en wie dit nu niet wil, die moet eens eeuwig de gemeenschap met Satan hebben. Dichtbij den Heere leven! of eens eeuwig dichtbij Satan, al dichter bij den Booze verkeeren en tot hem naderen, er is geen andere keus. :
—
Verstaat ge dan nu, wat het zegt, dat „Jezus zonde gemaakt is voor u?" AYat gij ook, als ge verloren gaat, eeuwig bezig zijn zult te worden zoo verzondigd, dat er niets dan zonde aan u is zie, dat is Jezus gemaakt, hij de Heilige Gods. Gij gingt verloren. Verloren doordien de zonde al in u voortkankerde. En die kankering zou haar rusteloos proces hebben tot op dat ontzettende punt, waarop gij zelf eindelijk niets dan zonde zijn zoudt. Geen zondaar meer, maar met de zonde één geworden met de zonde vereenzelvigd in de zonde opgegaan zoodat uw persoon er niet meer was, en er niets dan zonde aan en in u ;
;
;
;
overbleef.
Op de manier van een plant die steen wordt. Men ziet dat vaak, hoe een plant in een steengroeve
allengs
door den aard van den steen overweldigd wordt, allengs verhardt en verstijft, eindelijk haar plantaardige natuur verliezen gaat en de natuur van den steen aanneemt, tot ten leste heel de plant verdwijnt, er van een organisch leven geen sprake meer is, en er na de volkomen verdwijning van de plant, niets dan een steenmassa, op de rots gekleefd, overblijft. .
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's