Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 223
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
;
„OMDAT UU ZIJNE ZIEL UITGESTORT HEEFT IN DEN DOOD." 215 Heiland naast dien van Mahomed, Confucius en Buddha te noemen. Allen immers machtige figuren. Weldoeners der menschheid. Dat was het: Jezus had ons óók welgedaan, en met hem helden der gedachte als een Kant en een Hegel. Zoo daalde de heilige gestalte van het Lam Gods tot de gewone evenredigheden van onze gevierde mannen. Schriklijk.
En
toch daar moest het toe komen. Immers, men wist van geen schuld, men geloofde aan geen verdoemenis meer. En wat zin zou het dan gehad hebben, nog langer te spreken van het bloed van
Golgotha
als het rantsoen voor onze
zonden^
Zoo is het dan ten slotte toch waar gebleken, dat het qeloof, waarmee de ziel die naar verlossing dorst, het kruis van Grolgotha aangrijpt, r/eeu gemeengoed, niet uit onze natuur, maar een r/e;;«f/^(/ifte
Gods
Want,
is.
ook nu nog zijn er duizenden bij duizenden, die door verraad aan Jezus ongeschokt en door dien algemeenen afval onbewogen, stil en kinderlijk in dat kruis van Jezus blijven roemen, als in het mysterie waarin Gods engelen begeeren in te zien UKiar in dezer aller hart dankte dit ffehof zijn oorsprong aan een bijzondere f/euade en wierd dusver alleen door die bij zondere r/««rw/(^ in stand gehouden. A^rheffing op dat geloof misstaat daarom in hooge mate. Ge hebt het uit u zelf niet. Voor wat aan u zelven lag, zoudt ge het zoo goed als die anderen van u hebben gestooten. Gij zijt niet beter dan die. Een nieuwe zonde, een zonde die als een worm aan uw geloof ging knagen, zou het u zijn, zoo ge in stee ja,
dit
van Gode louter dank te otteren, in uw geloof u zelven gingt behagen, alsof door tm trouw, door vw moed, door ww geestdrift de heugenis van en de verkleefdheid aan Golgotha stand" hield. Integendeel, waar ge in éénzelfde schipbreuk met die anderen dreigdet onder te gaan, voegt u te dieper zelf beschaming, te vuriger en inniger erkentenis van verbeurde genade, en zoo het u gebeuren mag, dat ook uw vrouw en uw kinderen nog met u aan dat kruis zich vastklemmen, neen, dan weet ge niet, hoe schatrijlv ge aan genoten ontferming zijt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's