Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De overheid - pagina 158

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De overheid - pagina 158

2 minuten leestijd

LOCUS DE MAGISTRATU.

140

kan dat

op

men God

tenzij

zijn,

men

Een

te zetten.

zij

Dan

wegcijfere.

ook volkomen consequent,

het

is

het huldigen van souvereiniteit van

bij

volk eo ipso verklaart

't

ook

dergelijk iets doet zich voor

in

God

onze dagen, dat men

ook van Moderne, klassieke en literaire zij weer min of meer vroom begint te worden, waar men vroeger van geen godsdienst hoorde. Neem b.v. Dr. Pierson, vraag hem naar religie en ook zeker is hij vroom, maar het is geen religie, waardoor hij gevoelt, dat er gezag over hem wordt geoefend neen, zijn religie ;

het eenvoudig spel van de poëzie van

is

gezag.

Waar men

brengt,

is

in

kringen

die

God

het denkbeeld van

het als

't

hart, niets uitstaande

met recht en

van religieuse poëzie

spelen

boven den mensch staande

in eere

niet terug-

blijft de mensch supremum en heeft de religie geen gezag of macht. volkomen waar, dat als v/e God den Heere wegdenken er op aarde geen schepsel bekend is, dat boven ons staat, dan is de mensch supremum en

gevonden, Het

is

den aard der zaak, dat men den mensch als souverein erkenne. Van welken aard die souvereiniteit dan is, daarover later. Niemand is dan homini superior. Omgekeerd in eiken kring en in elk hart, waar God de Heere als de levende God erkend wordt, die altijd boven ons en alles staat, daar ligt het ook in ligt

het

den

aard

in

der

dat

zaak,

alleen

Souverein

Hij

kan en souvereiniteit kan

zijn

bezitten.

Ten tweede

20.

ligt in het

dat het

supremum

is

bepaald opzicht, onder één bepaald oogpunt

één

in

dan

anders beduiden,

niet

dit

begrip souvereiniteit het alomvattende. Souvereiniteit

Zoodra men aan hetgeen supremum

duldt geen grenzen.

;

is

op

stelling,

dat

mensch,

leidt

Supremus

is.

er

eene gebied

't

natuurlijk

Daarom

laat

God

toe 't

Souverein zeggen,

te

is

dat

stelt,

kan

evenwel volgt dan, dat

andere terreinen liggen, waar anderen souverein

daarnaast

grenzen

op één bepaald gebied, zijn.

Deze voor-

en op een ander gebied de

God

niet

in

absoluten

zin

gebied van souvereiniteit niet eenige grens toe

en elk begrip van souvereiniteit, dat beperkt, bepaald of begrensd, onderwerzoekt door macht tegenover een macht, die weerstand biedt of een wil,

ping die

zich

begrip

tegen

verzetten kan en iets uit zich zelf poneeren,

zelf,

want

er

de suprema

waarvan ze Dit

kan geen macht of wil

potestas,

uitgaat en tegen

„buiten

God

liggen"

tweegodendom in pans en Ahriman met

het

cessie, dat

bepaalt

de

zijne

poneert

op

Dews,

zijn als

is

vernietiging van het

die zich verklaart en verzet

macht en

wil

een steunpunt hebbe,

indringt. juist

een begrip van een dubbelen god,

het Perzisch dualisme

God God mag mensch,

die

tenzij

God

zijn,

of

is

van Ormuzd met

dit niet het geval,

dan

zijn

Amschads

blijft

de con-

goedwillige concessie van den mensch.

welk gebied God supremus en

hij

Dan

zelf het zal zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's

De overheid - pagina 158

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's