De engelen Gods - pagina 249
;
DE AXTTCIIRIST.
Israëls
op
en
gegeven,
aarde
tegenover
verschenen,
Christus
de
is
Satan
plaatst
gingi
welijks
of'
Satan
en
24^
God den afffod. Maar nauhem alle macht in liemel God
gevoelt, dat hij den levenden
meer deren kan, dan na eerst den Christus overwonnen te hebben, en uu gaat hij zelf staan als de Anf/c/n'ift tegenover den Christus. Vraagt men uu, of derhalve van die ure af, alle werking van Satan een Antichristelijke is geworden, zoo moet dit worniet
den
ontkend.
In
heidensche landen van Azië en Afrika werkt
de
nog steeds door op de oude
hij
den levenden God. Bij
alle
den verleider
omgaande
Avie
te spelen,
wijze, en stelt den afgod tegenover
menschelijk hart gaat
nog
steeds voort
een brieschende leeuw, zoekende
als
Ook
zou mogen verslinden.
hij
hij
zelfs
by de kinderen Gods
ligt
naast en onder zijn Antichristelijke werking nog altoos die algemeen
Als
Antichrist
waar
hij
kerk
ten
hem
werking, die
duivelsche
daarentegen
te
het Rijk van Christus te verstoren, diens
brengen,
diens verlosten te verleiden tot afval, en
den naam van Christus uit
nog slechts komt nu in
de
—
te roeien.
Dit vooreerst, edoch dit
tweede plaats
om
positieve Averking,
zijn
bij
op
rijk
zij)t
is
Doch daar
werking tegenover Christus.
negatieve
plaats van het Rijk van den Christus
de
in
zijn
dan en alleen daar op,
eerst
hij
om
zich aangordt val
den verzoeker voor ons hart maakt.
tot
treedt
alsnu
te richten;
nu kan hem eerst gelukken, en daarvoor kunnen de maatremet kracht genomen worden, als eerst de afval genoegzame uitbreiding heeft erlangd. Immers in den boezem der heidensche natiën blijft hij nog altoos heerschen als » Overste der wereld", en
dit
gelen
eerst
door den
dienst
van den afgod,
boezem van
den
Doop ontvingen, en dank
ligen
hem
en van
:
3
V.
»Dat
nu
zij,
de
doelt
alleen
die
op dien hoogen trap van
heilige
apostel
Paulus,
niemand
verleide,
en
dat
want de
komt
als
hij
in
geopenbaard
dag van Christus,
niet, tenzij
2 Thess.
zy
boven
ailes
Gods
als
dat
hjj
in
zichzelnen verioonende dat hij
»En nu wat hem
God
i.
zijn
de menscli der sonde^ de zoon des
den tempel
alzoo
d.
dat eerst de afval geko-
verderfs, die zich tegensteli, en verheft
wordt,
verloochenden,
is.
verschijning op de wolken,
men
het heil van Christus tot hoogere
schrijft:
V.
u
zij
vestigen in
eenmaal den hei-
kwamen maar nu den Chrjstus
ongerechtigheid,
ontwikkeling denkbaar
Hierop
rijk alleen
zijn
hij
afvallende, rijp zijn voor die veel schrikkelijker openba-
van de
ring
door de »tafel der duivelen"
i.
die andere volken en natiën, die
menschelijke ontwikkeling
2
d.
daarentegen als de Antichrist kan
en
wat God genaamd een god zal zitten,
is.
wederhoudt, weet
g^',
opdat
hjj
geopenbaard worde
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's