Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het Calvinisme - pagina 42

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Calvinisme - pagina 42

2 minuten leestijd

HET CALVINISME EN DE RELIGIE

38

De nieuwere

Iaat de religie opkomen, uit den abnormalen, d. i. den gevallen mensch, haar stut en in stand houdt. Ze zag het stokje bij het stekje voor het stekje zelf aan. Daarbij nu wijst men terecht op de tegenstelling tusschen den mensch en de overmacht van den hem omringenden kosmos, en nu treedt de religie als redmiddel in, om den door vrees bevangen mensch tegenover dien dreigenden kosmos

wat haar

Religlonsphilosophie

niet schiep,

te sterken. In zich zelf

heerscht

gist

maar

bij

gevoelende, hoe

zijn

geest zijn lichaam be-

dien kosmos naar zichzelf afmetend, ook in de

hij,

natuur de drijfkracht van een verborgen geestelijk wezen.

Animisde beweging in de natuur uit het in haar wonen van een heirleger van geesten, en poogt nu die geesten te vangen, te bezweren, te neigen tot zijn bestwil. Of ook, uit deze atomische opvatting tot een meer monistische opklimmend, gelooft hij aan goden, straks hiërarchisch onder één God geconcentreerd, die boven de natuur staan, en hem dus tegen die natuur helpen kunnen. En tisch verklaart hij

de

eindelijk, is

staande,

om

eigen

zijn

tusschen hetgeen geestelijk en

tegenstelling

grijpende,

eert

hij

straks

geest

den Urgeest

als tegen al het zienlijke over-

ook dien Urgeest

tegenover

al

stoffelijk

loslatend, in de

hoogheid van

het stoffelijke, zich neder te buigen

voor een ideaal, waarvan hij zelf de heroïeke drager is. Doch door welke stadiën deze egoïstische religie zich ook voortbewege, ze is en bestaat

altijd subjectief

natuurgeesten

om

maken, bare

te

om den

bezweren,

om

mensch.

Men

is

religieus

om

de

kosmos vrij te geestesmacht boven al het zicht-

zich tegenover den

zich in het besef zijner

de Lamah-priester de booze de natuurgoden van het Oosten hulp tegen de natuur wordt gezocht, in de meer intelligente goden .van Griekenland zekere geestesmacht wordt aangebeden die zich boven de natuur verheft, of eindelijk in de ideëele philosophie de geest van den mensch zelf voorwerp van aanbidding wordt, het is en blijft een religie om aan den mensch beveiliging, vrijmaking, te

verheffen.

Onverschillig

geesten in zijn kruiken opsluit,

zelfverheffing,

ten

of

bij

deele triomf zelfs over den dood te verzekeren.

En ook waar deze religie zich monotheïstisch toespitst, blijft de God, dien men aanbidt, een God die er is om den mensch te helpen,

om om

in

rust, om in den nood hulp en uitredding, wat verlaagt en ontadelt, veredeling en hooger bete verzekeren. Gevolg waarvan dan ook is, dat al zulke bloeit bij hongersnood en pestilentie, bloeit onder de armen

de staten orde en

tegenover

zieling religie

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's

Het Calvinisme - pagina 42

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's