Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 28
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
„DE HAÏsD DIE MET MIJ
20'
I]N'
DEN SCHOTEL INDOOPT."
vervalscht was door zucht naar aardsche grootheid. het staat vast dat dit tot op het Laatst met ffZ de jongeren het geval was. Het zuiver geestelijk koninkrijk verstond uit hen niet één. Tusschen hen en Judas school het verschil alleen hierin, dat zijn aardschgezinde eerzucht door de tegenstelling met het geestelijke geprikkeld en verergerd werd, terwijl ze bij de overige discipelen door den glans van Jezus' geestelijke grootheid getemperd werd, en ten slotte gebluscht. Als geestelijke gTootheid u niet in de diepste kern van uw wezen boeit, begint ze ongemerkt u tegen te staan, u te hinderen, uw weerzin te wekken, en eindigt met verzet en vijandschap in uw ziel wakker te roepen.
naar Jezus
Immers
Dat is aan de martelaren gezien, wier geestelijke heldenmoed hun beulen nog slechter maakte dan ze waren.
En
onder die zielkundige reactie is ook Judas bezweken. Hij kon Jezus ten slotte niet meer uitstaan. Er vlamde haat tegen Jezus' geestelijke grootheid in zijn hart op. Een haat die in het eind niets meer ontzag. En wat er in dat hart omging en in dat booze Judasoog sprak, toen hij op Jezus in Grethsémané toeliep, en hem een kus op het heilig gelaat drukte, weigert menschelijke taal uit te spreken.
Maar zóó staat Judas dan ook niet meer voor u, als een man, wien ge verachtelijk toeroept Gra van mij uit, ik ben heiliger dan Neen, die in-slechte, die booze Judas komt zoo vlak naast u gij. staan, en vi zeggen, dat in uw eigen menschelijk hart de kiem schuilt van diezelfde boosheid, die hem tot deze uiterste daad van :
helsche boosheid gebracht heeft. Zoo heeft Judas naast Petrus, naast Johannes, naast Nathanaël gestaan, met hen omgegaan, met hen verkeerd, met hen aangezeten, dat niemand iets aan hem merkte. En toen Jezus riep dat één Dat moet uit hen hem verraden zou, heeft niemand geantwoord Judas zijn. Ze vroegen heel anders: Ben ik het, Heere? En zeg nu niet, dat dit is, om bang voor u zelven te worden. Imuiers dat bang zijn voor u zelven, zou juist bewijs van kennis van u zelven zijn en van angst voor de zonde die in u woont. :
Die
sfa, zie toe dat hij niet ralle.
En
juist
meer dan één
smaalden, maar tot dien val het eerst.
Judas
uit
nooit
die gerusten in 8ion, die wel op
bang voor zichzelven waren, kwam
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's