"Ons program" - pagina 345
RIJKS BEZIT OVER ZEE.
's
maritieme macht;
en
militaire
en
329
het beheer van de woeste gronden
3.
en verdere domeinen.
Het
aangelegenheden, wijl die den souverein,
buitenlandsche
der
beleid
mede verbinden; en bovendien nooit anders dan souverein kunnen of mogen behandeld worden. door den wettigen d.
deze
ten
i.
het
Maar ook de
maar
er
over
een
het
tegen
zeeroof
buitenlandschen
rustig
gaan
te
wordt aangewend,
en
is
maritieme macht, voor zoover deze namelijk
en
militaire
om
strekt
niet
Rijk,
van
bezit
vijand
om
Koloniën
zijn
het Rijk zijn koloniaal bezit tegen-
om
waarborgen, of ook
te
handhaven,
of de publieke orde te
verzekeren,
te
aan het Rijk
tegenover
mogelijke
neiging tot opstand en muiterij.
Minstens de helft van
naar recht Rijk
en
de
de
door
om
worden gekweten;
te
en maritieme kosten behooren dus,
militaire
niet
billijkheid,
Koloniën
de eenvoudige reden, dat deze kosten niet
behoeve van de Koloniën, maar ten onzen
ten
maar door het
zelven,
bate,
voor de hoogheid
de eer van het Rijk, gemaakt worden en uitsluitend strekken
en
om
onze
souvereiniteit te handhaven.
Koloniën
bezitten
te
over
doet
van
ons dus ook
Maar hiertegen
souverein
m
i
n
beheeren
kosten
een
en
bestuurs-
alle
do
staat
om
beschikt,
te
dan
zijn.
ook
derde
ten
namelijk
de
mag
over, dat het Rijk als souve-
en moet hebben, waarover elk
regalia en de bona vacant ia,
in
;
beheerskosten,
kan
overschot die
als
Rijksdo-
waaruit dan de gelden kunnen gevonden worden voor die
het
hoog gezag raken, waaruit dan
kunnen betaald worden voor bedwang en
eventueel
overmits
geeft ons in
ons benijden, en welks handhaving
weinigen
met name gouvernementstuinen en woeste gronden,
i.
e
niet
ook in de Koloniën het genot
rein,
d.
dat
waard moet
iets
ons prestige;
dan we zonder heur bezit zouden innemen,
verleden schijnen; en moet uit dien hoofde aangemerkt
voorrecht
een
als
verhoogt
eer;
positie,
van ons tegenwoordig volksbestaan nog de glorie
zwakheid
de
roemvol
een
een
is
Europa een geheel andere
Rijksschuld
aangewend
tot
schulden
ook
defensie; en waaruit
delging van de Rijksschuld,
van
kolonialen
oorsprong
schuilen.
§ 249.
Geen
deeling-
van verantwoordelijkheid.
Of eilanden en gewesten, eigen
zouden leven het
niet
althans
brengen
zijn,
leven, te
wortel
schoot
antirevolutionair
en
die,
uiterst
aanvankelijk
karig
dus
geen
organisch
ook geen
zonder vertier of
onder meer rechtstreeksch beheer
blijve hierbij onbeslist.
beginsel
bevolkt,
Waar geen volksverband
eigen nationaal bestaat,
heeft
eisch te stellen. Dat beginsel wil
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's