Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De overheid - pagina 324

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De overheid - pagina 324

1 minuut leestijd

LOCUS DE Magistratu.

306

komt

van een dusgenaamd beroep op de consciëntie zelden

er

iets

voor.

Dit

want de ongeloovigen besciiouwen de consciëntie als de autonome beoordeeling door den mensch van wat goed en kwaad is. Zoolang men zijn consciëntie nog maar heeft, heeft men niet met God te maken, en weet men wat kwaad en wat goed is. Daarbij begaat liien dan de grove fout, dat men natuurlijl<,

is

de

van de consciëntie

uitspraak

goede uitspraak aanziet en

eene

als

niet

rekent met de dwalende consciëntie.

Deze gansche wijze om de zaak op tie-vrijheid doet,

meer gehoorzaamheid aan God

God over hen

door hier

misleiden

hun

in

zelf als

die

het geloof onderste

;

strijd

tegen Spanje, want

te zijn

dan den menschen

We

zijn.

waarschuwen

er

door praatjes van consciëntievrijheid

niet

maar het

klinkt schoon,

het

laten

zich

thans met de consciën-

Koning dan aan den koning, die

gesteld was, verschuldigd te

daarom tegen, dat men

zal

men

kan wel spreken van een consciën-

om Gode meer gehoorzaam

bedoelden de vrijheid

en

zooals

Men

zooals onze Vaderen daarvan spraken

tie-strijd, zij

te zetten,

den grond verkeerd.

is in

is

eene vernielende kracht,

boven haalt en men gaat de consciëntie beschouwen, als een apart iets, dat in den mensch

de uiting van een oordeel, maar

niet als

naast zijn denken en willen bestaat.

Daarom moet deze het

quaestie teruggebracht

moeten we

magistraatsgezag en

hierbij

worden

de behandeling van

tot

den mensch nemen

onderdaan

als

van den Koning der koningen.

God

over menschen een aardschen koning, niet opdat deze koning alles

stelt

zou doen, wat hem goeddunkt,

God de

en

heen,

limite

niet

opdat

treedt

God zou

over dat gezag, waarvan

hij

schen het regiment voorbehoudt, dan

maar gaat

hij

hij

gehoorzaamt

;

lijnrecht tegen

doet

God

dan

dit niet,

hij

is

hij

maar de Heere

is

hij

Zich door men-

is

koning, voor zoover

geen koning meer. Daaruit

wat de Overheid verbiedt,

of gebiedt,

God

geen koning en dienaar Gods meer,

Een koning

in.

de plicht van den onderdaan voort om, wanneer gebied

spelen,

den koning met eene gelimiteerde opdracht. Gaat nu de koning over

stelde

God

hij

vloeit

ook

God verbiedt, wat de Overheid Gode meer gehoorzaam te zijn

dan den menschen. Hierin

ligt a.

het principium van eenen niet alleen geoorloofden,

maar

zelfs

verplichten weerstand, die geoefend moet door de bevolking tegenover haren vorst. /?.

Wordt daardoor

het gezag ondermijnd, dan rust de schuld daarvan niet

op de bevolking, die aan

God gehoorzaamt, maar op den

vorst, die het

gezag

te grabbel werpt. b.

De

doordat

kring van het gezin

de

staat

komen op door

b.

v.

is

de tweede kring.

een massa menschen

geboorte.

uit

De gezinnen de Oost

ontstaan

laat halen,

niet,

maar ze

Aldus ontstaat er een verhouding tusschen man en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's

De overheid - pagina 324

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's