De engelen Gods - pagina 102
.
DIENENDE GEESTEN.
98
liaalcl
»Want God
:
Woord
geworden worden.
waar
in Gen. 1
niet
duidelijk
reeds
ons het Beeld Clods aangewezen, waarnaar niet de
de schepping der engelen ter j)laatse
Toch zegt de Heere
aangewezen.
der aarde
schepping
de
bij
zongen
vrooiijk
»de
zeer zeker
Job 38 7, morgensterren tezamen
de kindereu Gods juichten,"
en
zij, is
zelf in
:
wat kwalijk op
iets
anders dan op de eiigelen slaan kan. Zoo moet dan de schepping der
iets
wel in Gen.
eno-elen
1
:
besloten zijn.
1
den hemel, en in dat ééne woord hemel
hemelen
toebehoort.
sluitend
van
nadruk.
meerder
reeds
als
wat
besloten,
Gen.
in
tot het rijk der
volgt, spreekt uit-
1
bestaande
Maar
ondersteld.
uitspraak van Gen.
de
er toch,
Gods
Beelde
den
naar
daarbij
Indien
schiep, eer Hij de aarde schiep,
schepping en toebereiding der aarde, en de
verband ontvangt
dit
God
is alles
wat nu verder
x\l
verdere
de
Avorden
eno-elen in
het Vleesch-
in
maar de verkoren kinderen der menschen moeten vervormd Reeds dit nu had tot nadenken moeten nopen. De vraag
eno-elen,
dat
En
heeft den mensch naar zijn Beeld geschapen."
Nieuwe Testament wordt nooit anders dan
het
in
1
:
juist
26 dan ook
te
ook vóór den mensch, zeker wezen
geschapen
Avare
geAveest,
zou een uitspraak
»Laat 26 lezen, geen zin hebben gehad. Dat in Gen. 1 menschen maken naar ons Beeld en naar onze gelijkenis" treedt hier in ah iets geheel nieuws, als iets nog onbekends, het is de inlei-
we
als
:
:
ons
op
ding
ontvangt
sche^rping
der
van
schenken
het
de
de kroon der schepping, en deze kroon
mensch
juist
daardoor,
dat
hij,
en
hij
alleen naar Gods Beeld geschapen Avordt.
Doch
er
Wie
meer.
is
Genesis
1
explicatie
onbevooroordeeld
van
Avat het
leest, zal
geschapen
toestemmen,
Gods Beeld
beteekent, volstrekt niet in de eerste plaats van
schen
op
of
redelijk
heel
zedelijk
anders.
iets
koninklijk
ter
er
bestaan.
bestaan sprake
Niet op
Hem
Avordt
niet de dienstbaarheid opgelegd,
zijn
als
is.
onafscheidelijk juist
's
naar
men-
Al Avat er volgt, doelt
redelijk en zedelijk,
maar
moeten
zijn
dat
maar op
zijn
bestaanskarakter,
omgekeerd de
heerschappij
»OnderAverpt de aarde en hebt heerschappij over haar." En nu is het zeker volkomen Avaar, dat dit den mensch alleen mogelijk is door redelijk
zijn
en
is
Gods
in
en zedelijk bestaan en door zijn gemeenschap met God, steeds terecht geleerd, dat ook dit van het Beeld
zooverre
onafscheidelijk
is
;
maar toch
de lieerschappij blijft ook zoo het
einddoel, blijft op den voorgrond staan, en vormt de hoofdzaak. Geheel in
aansluiting
tusschen
de
dat
aan
niet
dingen
aan
Avaaraan Psalm 8 ons dan ook leert, dat het verschil
engelen en den Zoon des menschen juist hierin bestaat, de zijne
engelen,
maar aan
den Zoon des menschen »alle
voeten onderworpen zijn."
De verzoening en
ver-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's