Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 134

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 134

meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren

2 minuten leestijd

126

de

„ZIJ

touwen en

de

kanne

KEUISIGDEX HEM.

gemyrrede

wijn,

en de kan met edik.

En

zoo ging het naar Grolgotha op weg. Spade en spijkers, touw en kan droegen de soldaten, maar den kruispaal moest Jezvis zelf dragen. Dat liruis moest liij dragen, niet een kort eind weegs, maar eerst heel de stad door, al de straten van het rechthuis tot aan de poort langs, en toen van de poort naar de Hoofdschedelplaats. Dat kruisdragen bestond niet hierin dat de veroordeelde het dragen kon gelijk hij wilde, maar het kruis werd hem, met den dwarsbalk vóór de borst, over den linkersehouder gelegd, en de beide handen aan den dwarsbalk gebonden. Hieruit verklaart het zich dan ook, dat Jezus, door zoo aangrijpende inspanning, en rustelooze ontroering al die uren lang, uitgeput, zeer spoedig onder dit kruisdragen bezweek. Eeeds onder het gaan naar Grolgotha begon de kracht der menschelijke

natuur hem

te

begeven.

Eindelijk op Grolgotha aangekomen, hebben de soldaten toen een gat in den grond gegraven, den opgerichten kruispaal daarin gezet, en den grond aangetreden, tot de paal goed vaststond; en dat alles onderwijl Jezus er sprakeloos bij stond, en het aanzag, en innerlijk beefde voor wat te komen stond. AVant toen nu de paal gereed stond, hebben de soldaten Jezus aangetast, en hem niet alleen zijn opperkleed, maar ook zijn overige kleederen van het lijf getogen, tot hij, als een doemschuldige die geen kleed meer waard was, onderwijl het volk het aanzag, in hun midden stond. Voorshands legden ze dien rok en de kleederen ter zijde, om ze straks te verdeelen en te verloten, en toen gingen ze tot de eigenlijke kruisiging over. Het kruis in die dagen was niet zoo hoog, gemeenlijk hing de gekruisigde weinig meer dan twee voet hoog van den grond af. Xu stak er onder aan het kruis een kleine balk uit, waarop de kruiseling met de beenen zijwaarts afhangende gezet werd. En terwijl één der soldaten hem tegen den kruispaal drukkende vasthield, bonden twee andere zijn handen aan het dwarshout van het kruis, en sloegen hem de nagels door de handen. Ten slotte werden de beide voeten met de voetpalmen tegen den kruispaal gekeerd, en terwijl de ééne soldaat de voeten alzoo vasthield, dreef de ander ook door die voeten de nagels heen, elke voet afzonderlijk tegen het hout gedrukt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 134

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's