Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 194

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 194

meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren

2 minuten leestijd

!

„MIJ DOHST."

186

van

vinger in het water zon doopen en zijn brandende tong-

zijn

verkoelen.

„J/y

dorst!''

te ontgaan,

zoo

riep

maar om eer

hij

hij

met ranwe stem, niet om den dood het zoet van menschelijke lafenis

stierf'

te ervaren.

„Mij dorst!" omdat de mond hem bijna van dorst was dichtgeklemd, en hij ziin stervenden uitroep van ,,llet is rolhracht,''' Vader, in we lianden hereel iJc mijnen r/eesf nog moest en het volbrengen. .,

Honger is een scherp zwaard, maar een giftige pijl, die tot in merg en nieren doordringt. De honger komt van het vleesch, maar de dorst komt van het hhed, en in dat bloed is de woeling, is de beweging van ons menschelijk leven. In dat bloed raakt ziel en lichaam aan elkander. Want in het bloed, zoo had God het reeds aan Israël verklaard, in het bloed is de ziel. Op het bloed kwam het daarom ook in de verzoening aan. Dit zaagt ge reeds typisch bij de offeranden die in Israël voor de zonde wierden geslacht. Want zeker ook het lichaam dezer dieren wierd verbroken, maar toch niet als doel, immers het doel was steeds dat het hloed zou ren/oten worden en zou gesprengd worden op het heilige. En zoo ook ziet ge het bij het Lam Gods. Ook toch van dat Lam Gods leest ge telkens, dat aan zijn dood ons leven hangt, maar schier altoos is het zijn bloed dat voor u vergoten wordt, waarop zijn heilige apostelen u wijzen. Ook bi] hem was er wel verbreking van het lichaam, maar slechts als middel om tot de vergieting van zijn bloed te komen, en in de vergieting van dat heilig bloed is uw verzoening. En hoe kon dat anders? AYaar wij menschen ons leren, verzondigd hadden, en dat leven uit ons hloed was opgewoeld en in dat bloed voortzondigde, hoe kon daar onze Middelaar voor ons vergeving te weeg brengen, dan door alsnu van ons bloed te nemen, dit van ons genomen bloed tot voertuig van zijn eigen leven te maken, en dit zijn leven in ons schuldig bloed te vergieten op het altaar van den Heilige Dorst

dorst

is

is

als

iets zoo ontzettends.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 194

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's