Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De engelen Gods - pagina 13

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De engelen Gods - pagina 13

2 minuten leestijd

II.

DE ENGELEN IN VERGETELHEID.

niemand u

Dat dan

overlieersclie naar zijnen wil in

nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen gezien

niet

hij

heeft, tevergeefs

opgeblazen zijnde door

het verstand zijns vleesches. Col. 2

Het kan

niet

wel ontkend, dat de Engelen heden ten dage onder

men

Gereformeerden, en haast kan

de

in het algemeen, niet die

der

Calvinisten

van

vrijdenkers

geloovig

niemand het

thans,

de Engelen mededeelt

;

Wel

die,

die

hun

vindt ge in de belijdende krin-

met de Sadduceën vanouds en de

bestaan der Engelen betwist, of ook on-

wat de Heilige Schrift ons aangaande maar daarom kan men noo- volstrekt niet zes;-

hoofd schudt

het

zeggen, onder de Protestanten

mate van opmerkzaamheid genieten,

gegund.

in de Heilige Schrift is

gen

18.

:

bij

gen, dat de Engel zekere plaats in aller geloofsleven en beschouwing

men

inneemt. Zeker,

luistert

met eerbied en zielsverrukking naar der men weet dat Engelen onzen Hei-

Engelen zang in Efratha's velden diend

;

na de verzoeking in de woestijn en in Gethséraané hebben ge-

land

;

op

ons

Paaschfeest

den

nederdaalden

en

vaart hooren

we de Engelen

herinneren

we

het ons, hoe er Engelen

steen afwentelden van het graf; tot de Apostelen spreken

bij ;

de Hemel-

en in het boek

der Openbaringen wordt de toekomst des Heeren niet anders dan verzelschapt

van

Engelen geteekend

;

maar

dit alles

kan men aannemen

en belijden, zonder daarom nog de vraag voor zich zelven beantwoord te

hebben, welke plaats de Engelen in Gods schepj)ing hebben, welken

dienst

ze

in het groote

werk der genade vervullen, en

in

trekking ze tot ons persoonlijk en tot het heil onzer eigen

En

juist over dit laatste

en

persoonlijk

nu moet

Catechismus stelt,

wil

dat

bij

het:

is

ziel staan.

in ernstigen zin geklaagd, dat

voor het leven zijner eigen

meeleven met Gods Engelen

welke be-

afgestorven.

men

ziel,

veel te veel aan het

Wat

onze Heidelbergschc

de uitlegging van de derde bede nog als bewust ouder

»Uw

wil

geschiede" beteekent: Geef dat ook ik

op aarde moge volbrengen,

<jelijk

uw

Engelefi in den hemel

uw

doen\

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's

De engelen Gods - pagina 13

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's