De engelen Gods - pagina 77
DE DOCHTEREN DEH MENSCITEN.
die
dan
niets
maar zonder
waren,
raenschen
mogen
plaatsen uit de Schrift
viertal
om
dit
het
volk van
als
mensclien
God
Delila
zegt
16:7
» Indien
:
mannen Gods
of de
We
op.
nu
Heel juist
lezen daar van Simson dat hij tot
door onze overzetters niet vertaald,
dit
is
Slaan
met zeven versche zelen, die zwak worden en wezen als een ander
niet verdroogd zijn, zoo zou ik
mensch."
met we daar-
tegenstelling
zijn
te bewijzen.
bonden
mij
zij
Een
verhief'.
hier als voorbeeld dienst doen,
gebruik van het woord »menschen" in
toe eerst Richteren
want
onder de niensclien meetelden,
en
hooger element dat ze
elk
73
Hebreeuwsch als »een van de menschen" Simson sluit hier alzoo zichzelven als den van buitengemeene kracht begaafde buiten den kring der
er staat letterlijk in het
:
(Ke'achad ha-adam).
God
met
»menschen," en verklaart, dat een
de
onze
in
in het onderstelde geval
hij
mensch zonder meer.
gelijk
Staten-overzetting
In Psalm 73
:
gedrukte,
cursief
wezen zou
5 lezen we, zoo d.
w.
we
door hen
z.
ingelaschte bijvoeging van »andere" weglaten: »Ze zijn niet in moeite
wel niet
tegenstelling
de is
met de menschen niet geplaagd." Hier is nu »Gods volk en de menschen," maar toch
menschen^ en worden
als
:
er een soortgelijke tegenstelling
gemeen
goddelooze
deze namelijk, dat enkele buiten-
;
onder Gods wonderbaar bestel bloeien en
lieden
van lijden verschoond blijven, opdat ze in der eeuwigheid zouden verdelgd
En
worden.
deze
God behandelde
door
exceptioneel
evenzoo als straks Simson van de menschen
alsnu
lieden
worden
als zoodanig,
van
de menschen zonder meer onderscheiden. »Ze zijn niet als de menschen
moeite en worden met de menschen niet geplaagd."
in
Veel
zuiverder
»menschen"
uit
bekende
is
de
in
mijne oogen,
komt het bedoelde gebruik van het woord
echter in
Jesaia
plaats zijt
43
4 en Jeremia 32
:
»Van toen
:
dat
af,
gij
:
20. Jesaia 43
:
4
kostelijk zijt geweest
verheerlijkt geweest, en Ik heb u liefgehad;
gij
daarom heb Ik menschen in uwe plaats gegeven, en volkeren in plaats van uwe ziel." Die woorden sprak de Heere tot Jacob, want het heet in VS. 1
:
» Alzoo
En
o Israël!"
persoonlijk, op
feit,
Jacobs volk
of op
loovigen,
zegt de Heere,
uw
Schepper, o Jacob, en
geheel onverschillig nu of
Israëls
dat hier sprake
is
als natie,
Koning van een
heet het
:
Formeerder,
Messias toepast, altoos
als
heb menschen in uwe plaats gegeven." toch
uw
deze woorden op Jacob
op het geestelijk volk der ge-
menscli,
beduidt wordt ons door Jeremia 32
men
:
blijft
en dat er nochtans staat
Wat nu
:
het
»Ik
deze vreemde zegswijze
20 volkomen opgehelderd. Daar
»Gij hebt, o Heere, volken gesteld, zoo in Israël, als
onder (andere) menschen"; want laten we nu ook hier dat ingevoegde
woordeken
we
hier
» andere'",
in
tegenstelling,
dat in den grondtekst niet staat, uit, dan hebben
Jeremia tusschen
32
:
het
20,
evenals
Israël
in
Gods en
Richt. IG
:
7,
de zuivere
de lieden der menschen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's