De engelen Gods - pagina 226
SATAN
S
AFVAL.
mogendheden te staan. Daarmee begon het. Van zijn ik ging Toen kAvani in de gedachten van Satans hart in plaats uit. van de kennisse en de eere van den levenden God het leugenbeeld
der
de zonde
van een God, gelijk
ging
nu
ten
leste
dien zich verbeeldde.
hij
En
als
ook de ware wereld der dingen
aarde almeer uit zijn voorstelling weg.
gevolg hiervan
in
hemel en op bij hem,
Die paste niet meer
meer gebruiken. Nu hij het in zijn verbeelding en God had omgezet in zijn tegendeel, moest ook die wereld in hemel en op aarde zich naar hem, Satan, voegen, nu gebeurde het daarom bij hem passen, en naar hem schikken. En wel niet. Want Gods raad ging door, en wat Satan ook peinsde of verzon, het bleef alles gelijk het was.. Maar in zijn verbeelding was kon
die
alles
hij
zoo
hij
tusschen
vrij.
ging
niet
zich
In die verbeelding beeldde
Satan
uit
de
waarheid
hij
in
het
meer, en wist van niets meer, dan van een
leugenbeeld was, van een God, dien en van een wereld, die
hij
hij
zich alles anders in.
de leugen over.
En
Hij zag niets
eigen ik, dat slechts een
zich leugenachtig voorstelde,
door het schijnglas der leugen bezag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's