Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het Calvinisme - pagina 96

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Calvinisme - pagina 96

3 minuten leestijd

HET CALVINISME EN DE STAATKUNDE

92

Gods geweest

dat deze zichtbare Kerk steeds één formatie zou zoo zou op deze vraag een geheel ander antwoord te gewen zijn dan thans. Dat men aanvankelijk naar die eenheid gestreefd heeft, is natuurlijk. Eenheid van religie heeft voor het volksleven blijven,

hooge bekoring, en aan de woede der wanhoop waarmee Rome in de 16e eeuw voor het behoud dier eenheid gestreden heeft, kan alleen de kleinzieligheid zich ergeren. En ook is het begrijpelijk deze

dat

volk op

eenheid

de

aanvankelijk

in denkwijze uitkomt.

ze

met eenheid van

leven

bij

natuurlijk,

haar beslag kreeg.

Hoe

trap van ontwikkeling staat, hoe minder

Schier religie

bij

alle

volken

beginnen.

ziet

lager een

nog

verschil

men dan ook

Maar wint

dat

het individueele

voortgaande ontwikkeling in kracht, dan is het even dat die eenheid splijt, en veelvormigheid zich als de

van rijker levensontwikkeling doet gelden. En zoo staan we dan nu voor het feit, dat de zichtbare Kerk gespleten is, en dat in niet één land de absoluie eenheid van de zichtbare Kerk meer is vol te houden. Welke is nu bij dien stand van zaken de roeping van de overheid? Heeft zij, want hierop komt het vraagstuk neer, zich alsnu een eigen oordeel te vormen, welke onder die vele kerken de ware kerk is, en deze tegenover de andere te handhaven; of wel heeft de Overheid zich van eigen oordeel te onthouden en in het veelvormig complex van al deze gezindheden de totaliteit der openbaring van Christus' kerk op aarde te zien? En dan moet van Calvinistisch standpunt in laatstgemelden zin beslist, niet uit valsch begrip van neutraliteit, noch alsof het ware of valsche haar onverschillig kon wezen, maar overmits zij als Overheid de gegevens mist, om te oordeelen, en elk oordeel ten deze de souvereiniteit der kerk te na komt. Anders toch krijgt ge, zoo de overheid een absoluut monarch is, het cuius regio eius religio der Luthersche vorsten, dat steeds van Calvinistische zijde bestreden is. Of ook, berust de overheidsmacht bij een veelheid van personen, dan wordt, al naar de stemming uitvalt, heden de ware kerk geonafwijsbare

eisch

wat gisteren de valsche kerk heette, en gaat alle continuïteit Vandaar dat de Calvinisten steeds zoo fier en manmoedig, in onderscheiding van de Luthersche theologen, voor de vrijheid, d. i. voor de souvereiniteit der kerk in eigen boezem gestreden hebben. De kerk bezit in Christus haar eigen koning. Ze treedt in den Staat op niet krachtens verlof der Overheid, maarywre divino. Ze heeft haar eigen inrichting. Ze heeft haar eigen ambtsacht in

het Staatsbeleid te loor.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's

Het Calvinisme - pagina 96

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 192 Pagina's