Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 61
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
„IK BEZWEEK U BIJ DEK LETEXDEX GOD."
53
ziel van Jezus wekken, tot een eed te worden opgevorderd, waar nooit zonde in hem was, en de waarheid zelve in hem was
de
vleesch geworden.
een eed te worden opgevorderd niet in burgerlijk geding, zake van getuigen, maar in de geestelijke vierschaar van Gods huis, in het midden der zijn priesterschap afschaduwende priesters, en dat nog wel in zake zijn eigen persoon en wezen, zijn zending van Godswege als Redder en Verlosser der wereld, zijn ambtsbestaan als Zone Gods. En toch uw Jezus ondergaat ook die vernedering willig. Hij weigert niet. Met die nederbuigende liefde, waarmede het Eeuwige Wezen, onze menschelijke zwakheid tegemoet tredende, zelf met eedzwering zijn woord, ons ten behoeve, bevestigde, gaat ook uw Jezus voor het Sanhedrin tot den eed over. Nooit zichzelven, altoos u zoekende, betuigt hij, den eed opne-
Tot
niet
in
mende Gij hebt het gezerjd. Ja, als om het schrikkelijke dat komen kon, het verkrachten van zijn eed in meineed, nog van het schuldig hoofd van Cajaphas af te weren, voegt hij er waarschuwend bij, dat zijn oordeel komende is. „Van nu aan zult gij zien, den Zoon des menschen zittende ter rechterhand Gods, en komende met de wolken des hemels." Maar niets stuit meer de satanische drijfkracht van het woelende :
kwaad.
En nu spaart Cajaphas uw Jezus zelfs het bitterste niet, en werpt hem in volle vierschaar het „meineedig" tegen. En ook dien giftigsten druppel uit den Ijitteren beker moet uw Jezus indrinken. Wat u zelf nooit overkomen is, is aangewreven. Gij, die u Messias noemt, een des levenden Gods.
uw Heiland ineinerdifie
in de vierschaar
voor de vierschaar
Wij, die ons allen van deelgenootschap aan de leugen, al ware slechts in haar uiterlijken vorm bewust zijn, we kunnen ons zelfs niet voorstellen, hoe zulk een niets sparende lastering de ziel van Jezus moet geschrijnd hebben, hem in wien zelfs de minste gedachte aan wat onwaar, of tegen waarheid ingaande was, nooit het
had kunnen opkomen. Als een eerlijk man, door verwikkeling van zaken te doen krijgt met een lage bende van leugen noch meineed ontziende bedriegers, stuit hem de aanraking met zoo hinderlijke omgeving reeds tegen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's