"Ons program" - pagina 385
369
DE SOCIALE QUAESTIE. voor ons het
toch zal
zijn toeiDasselijkheid verloor,
men
dienen te erkennen, dat
de kern, het beginsel, dat er zich in uitsprak, wel terdege duurzame
pit,
gelding
en
heeft
dat alzoo het recht en de plicht der overheid tot leiding
van de maatschappij door wet en ordonnantie, rust
in goddelijke autoriteit.
wie aan den goddelijken oorsprong dezer wetgeving niet mocht ge-
En
looven,
overwege dan
die
van de maatschappij en
toch, hoe een overlaten
haar samenstellende deelen aan eigen aandrift, geen ander gevolg ooit had
noch kan hebben, dan dat de zwakkere, ongedekt, met den sterkere worstelen
moet;
het
leving
wonderwel
dus aflegt; en bezwijkt.
tijger in het
zou
gelijken
waardoor de menschelijke samen-
Iets,
op
samenwoning van de
de
heihger toestand, dat de wolf, in stee van het lam
en het te verscheuren, er in vrede
wapenenden invloed van het
En
om
zelfs al gaf
de
gever
ook
ree en den
spreekt op den
zijn bloed uit te
bedwongen door den
nederligt,
diende
ont-
recht.
men
dan nog zou
dit niet toe,
het recht missen,
met kwaad bescheid aan de deur van onzen wetwijl immers, indien men dan elke wet afkeurt, die
wijzen,
uit dien
hoofde beschermende
aan den zwakkere weigert, dan toch voor het minst ook
wetten
zuigen
quaestie
sociale
af te
men
meê
gang der maatschappij zou besturen, en
den
Amen
wilde woud; daar toch elks instinct een
afgeschaft,
die
thans
de
feitelijk
macht
van
den
alle
wet
machtiger nog
verhoogt.
§ 289.
Bescherming^) g^en
„Bescherming"; juist
reg>elingp.
niet „regeling";
moet
er zijn. Die te verleenen
vormt
de eigenaardige taak der overheid. In haar schuilt al het recht. Mits;
en dat worde niet
oog verloren; elk der beide bestanddeelen van
uit het
maatschappij, op zijn beurt, als de zwakkere erkend worde, en als zoo-
de
danig in die bescherming deele.
Immers, de lagere klasse der bevolking staat wel
als
zwakker
deel tegen-
over de hoogere standen als het aankomt op kapitaal en intelligentie; maar
zou op
haar beurt juist omgekeerd
de
blijken
sterkere
als het ging op
spierkracht en slimheid. Waaruit volgt, dat door wet en recht bescherming is
te
verleenen,
het misbruik
van
zijn
dat
niet
de
alleen
ontwikkelde man, te hunner
en kennis:
geld
aan de „luyden van kleine middelen", tegen
maar ook; even op
prgejudici,
dezelfde
maken
wilde
manier en niets
minder; bescherming aan de hoogere standen tegen eenig misbruik, waarop
men
onder het volk zinnen mocht, van
heid, ten koste
En
hierin
zijn aantal, zijn
vuist of zijn sluw-
van wie meer bezat.
ligt
dan
tevens
ook de
duidelijke
onderscheiding
tusschen
24
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's