Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 184
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
XXXVII. „ïl^andcr&aai'lijli Diiilaag gcbaaïb.'
(güede tbijdag)
Hare onreinheid niet gedacht
is in hare zoomen, zij heeft aan haar uiterste daarom is zij ;
wonderbaarlijlc omlaag gedaald zij heeftgeenen trooster; Heerol zie mijne ellende aan, want de vijand maakt zich groot. ;
(Klaagl. 1
:
9.)
Op den weg naar Emmaus ontvingen Lnkas en Cleopas een onderwijzing van hun Heere, die al Gods kinderen hun benijden. Hoe zou onze ziel één en al gehoor zijn geweest, als we o, zelven het eens van zijn lippen hadden mogen hooren, hoe hij heel de Schrift des Ouden Verbonds doorliep, om het uit de boeken van Mozes en al de profetische geschriften te betuigen, „dat de Zoon des menschen alzoo lijden moest om eerst door dat lijden in zijn heerlijkheid in te gaan." Hoe voelt elk onzer, dat de Heere ons zijn lieiligen Messiasnaam in tal van woorden en beelden en feiten zou getoond hebben, waar wij bij het lezen der Heilige Schrift van het Oud Terbond nauwelijks vermoeden van hebben. En als dan de symbolische overdrijvers ons ter aanvulling van die leemte hun inzichten in het Oud Verbond aanpreeken, dan voldoet dat toch niet. Dat leeft niet. Dat tintelt niet. Daar trilt geen heilige bezieling in. Daarin zien we het Messias-leven niet van onzen Heere. Stille lezing van het Oud Verbond spreekt dan de ziel nog beter toe, en als ge zoo in de Klaac/liedereu Grods profeet van Jeruzalem
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's