"Ons program" - pagina 448
432
VI.
RECHTSPRAAK, GEEN GEWELD! ons
doet
Niets
en
„broertjes
dieper
de intieme levensgedachte van de wereld der
in
dan de onverwinnelijke af lieer, waarmee
indringen,
zusjes"
wat naar „klikken" ook maar zweemt, verafschuwen en
ze al
Alles kan
een
kind
hem
uit.
nog door;
er in de kinderwereld
nog
Dan
zegt
den
intiemer
maar
te zetten;
Dan keeren
hem
ieder
kring
één „klikken" durft, dan
als er
man
de overigen zich als één
al
vertrouwen
zijn
Dan
op.
Een khkkend
uit.
verfoeien.
kribben en plagen weet
zelfs
hem
stoeten ze
broertje
het
is
met
tegen den schuldige. feitelijk uit
voor den broederkring
is
zedelijk dood.
Waar Want een te
dit diepe, onuitroeibare besef
toch,
zie
dan
zijn,
fijn
en
geen
vindt
rechtstreeks
verongelijkte
een
er
als
opkomt,
kibbelpartij
Toch
het
oogenblik
onder
later
broertjes
diezelfde
meent door den ander
één
de
verongelijkt
ook maar het mhiste
der
anderen
zijn ongelijk
naar vader gaat, en alles haar-
zijn kleuren,
en het desnoods nog wat erger
al
er
in,
dat de
is.
wel achter
er
is
uit te verklaren?
met
uitmeet, en toekent in
maakt dan
nu
te
komen, waarom kinderen, met
hun
al
verfoei-
ing voor den klikker, den rechtzoeker dragen kunnen.
Immers, naar
klacht
meer zou
de
is,
duiden
leiden,
niet
mag
niet
volstrekt
a
Als er iets gebeurd
1
1
is,
ij
d
met
kinderen
onder
malkaar zulk klagen
rechtstreeks
het
waagt,
bij
klacht
zijn
dan toch niet
zoodat de aanklacht tot niets anders dan tot
En zoodra één hunner
euvel.
wat
verongelijkte
en moeder gaan.
vader
te herstellen
tamelijk
over
ook
in
straf
vader reeds te
dienen
de rechten, belangen en eigendommen van de
kleine huisburgers raakt, dan stellen ze den klager reeds als
candidaat
klikker onder surveillance. Duidelijk
dus
blijkt
even diep verfoeid, „Broertjes
datgene der
te
en
als
uit
de
feiten, dat
„rechtsvordering" onder
zusjes
elkaar",
recht
voor de
gerechtigheid,
voor
de
bescherming van het
den.
Komt
kind
gebillijkt
zoo
wordt.
oordeelen
ze,
behoeven niet
waar vader en moeder voor zyn aangesteld. „Va-
gaan doen,
en moeder" hebben
een
„strafvordering" onder kinderen
en
plicht
voor het zedelijk
dus
in
huislijk
eerbied
Godswege,
van
behoud
goed
en
jegens
van de
God
om
te
waken
hun kinderen, en
huislijke kostbaarhete
kort,
liegt
het,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 519 Pagina's