Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 181
meditatiën over het lijden en sterven onzes heeren
!
Het was een vreeslij ke keer te Jeruzalem. Tot dii8ver meed Jezus meest de kringen waarin men hem haatte. Trouwhartioe jongeren, bewonderende vrienden, vriendelijke vrouwen omringden hem. o, Die schare die aan zijn lippen hing, die geredden die hem dankten, die hopeloozen die den zoom van zijn kleed drukten, ze waren nauwlijks te bedwingen, ze wilden Jezus koning maken; en nog op Palmzondag had men de palmtakken voor zijn voeten gestrooid, en de kleederen op zijn weg gespreid, en vroolijk en luidkeels in Jeruzalems poorten geroepen Hosanna den Zone Davids Tot dusver had Jezus liefde ingedronken, dankbre blikken om zich heen gezien, o, in zoo veler hulde genoten. Maar nu, in den hof der Olijven, keert dat alles plotseling om. :
Het
de ure der duisternis. wijken terug, de boozen treden op den voorgrond. Johannes vlucht en Judas blijft bij hem. En nu opeens begint de diepe, schriklijke verachting, de grievende smading en de krenkende hoon. Ook die verachting was een deel van den drinkbelser dien hij drinken moest. Reeds eeuwen vooruit had hij het voorzien, en bij dat voorzien, op Davids lippen geklaagd: „Ik ben een worm en geen man, een smaad van menschen, en veracht van het volk. Allen die mi] zien bespotten mij, zij steken de lip uit, zij schudden het hoofd, en roepen dan: Hij heeft het op den Heere gewenteld, dat die hem nu uithelpe, dat die hem redde, als Hij lust aan hem heeft!" En toen eeuwen later de Heilige Greest de tweede teekening van G-olgotha door de hand van Jesaia aan zijn kerk schonk, toen werd die verachting" weer zoo opzettelijk met diepen trek er in geteekend, toen het heette: „Hij was veracht en de onwaardigste onder de mensehen; een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor hem hij was veracht en wij hebben hem niet geacht." En toen eindelijk de ure der duisternis kwam, ja, toen heeft die menigte er werkelijk gestaan, die wilde hoop, die hem uitjouwde en nagilde en riep om zijn bloed; toen zijn ze er geweest die eervergeten soldaten, die hun spotzucht aan onzen lieven Heiland gekoeld hebben en toen hebben ze met hun helsche troniën daar voor den stervenden Jezus staan razen en tieren, die onmenschelijke priesters en wijzen van Israël, toen ze schreeuwden: „Indien ge YM Cxods Zoon zijt, kom dan nu eens af van uw kruis!" is
De goeden
.,
;
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900
Abraham Kuyper Collection | 252 Pagina's